Goed, onder de kast lag die agenda. Dit is mijn zeer persoonlijk lijst van de beste toevallig in 2008 gelezen boeken. Hopelijk voelt iemand de behoefte een onbekende titel snel ter hand te nemen, want ik las ze weliswaar toevallig in 2008, maar ze kwamen me uiterst urgent voor.
Gustav Herling – Een wereld apart, erg indrukwekkend onderkoeld verslag uit de Goelag.
W. Barbellion – Dagboek van een teleurgesteld man, een van de eerlijkste dagboeken waarin de boeiende hoofdpersoon zichzelf niet spaart.
Ian Buruma – De spiegel van de zonnegodin. een prachtige analyse van de Japans cultuur en denkwereld doormiddel van een nauwkeurige beschouwing van de populaire cultuuruitingen als soap en strip.
F.C. Terborgh – De Turkenoorlog, Waar is de aandacht voor Terborgh gebleven, dit drieluik is een overtuigend bewijs hoe groot zijn schrijverschap was.
J. Goudsblom – Het regime van de tijd, Hoe echte wetenschap ook echt leesbaar kan zijn, in een boek waarin geen zin staat die je niet begrijpt word je heel veel wijzer.
Rob Nieuwenhuys – Tussen twee vaderlanden, Een aantal essays van de meester over Nederlands Indie, over Tempo Doeloe, Multatuli en de geweldige avontuurlijke taalkundige Van der Tuuk. Wanneer komt zijn biografie?
Giorgio Bassani - De tuin van de Finzi-Contini’s, De joodse gemeenschap in Italië aan de vooravond van de oorlog in een filmisch geschreven roman van grote schoonheid.
Maurice Pons – De seizoenen, een roman in een weerzinwekkende niet bestaande wereld. Die koud, nat ontregelend en confronterend is en veel over de menselijke ziel meldt.
Bruno Schulz – De kaneelwinkels. De schilder/graficus schrijft zinnen knapvol geladen met beelden, zeer langzaam lezen en nooit meer vergeten.
Albert Helman – Het eind van de kaart. Helman reisde halverwege de vorige eeuw naar de binnenlanden van Suriname, en leerde vooral zichzelf beter kennen.
Nieuwsbrief
Facebook
Twitter
RSS

