Zoektocht naar het Goede. Over literatuur en politiek

10 juli 2008

Door Judith Ploegman
september 2004

Martha Nussbaum, Amerikaanse, filosofe en classica, heeft heimwee naar de Aristotelische zoektocht naar het Goede Leven. Die zoektocht is het streven naar het geluk, naar het Eudaimonia. Plato richtte in die tijd zijn pijlen het uitbannen van alle hartstocht en begeerte omdat hij geloofde dat emotionele toestanden een sluier over de redelijkheid wierpen. Voor Aristoteles wijzen de hartstochten juist in de richting van het Goede, het ligt besloten in ons menszijn om te streven naar het Eudaimonia. Door onze verlangens, onze hartstochten, onze woede en onze vreugde serieus te nemen zijn we in staat de richting te bepalen naar het Geluk. Doordat we redelijke wezens zijn, zijn we in staat te reflecteren op het nut van ons handelen en onze passies in dienst te stellen van het hoogste doel. Dat is het Goede Leven.

Nussbaum stelt dat in liberale democratieën als de onze de vraag naar het Goede Leven van groot belang is. Burgers worden verantwoordelijk gesteld voor en zijn vrij in het kiezen van wat ze goed en nastrevenswaardig vinden. De staat legt slechts de grenzen van betamelijkheid vast bij wet. Om ons leven richting te geven en om goede keuzes te kunnen maken is het belangrijk te bepalen wat ieder voor zich beschouwd als het Goede Leven.

Ze heeft een ethische theorie ontwikkeld waarin, net als bij Aristoteles, de emoties een belangrijke rol spelen. Emoties zeggen iets over de argumenten die we hebben voor een morele beslissing, ze zijn het product van een overweging. Door te reflecteren op emoties komen we bij onze vooronderstellingen en kunnen we bepalen of deze redelijk zijn. Emoties hebben eveneens een zinnige betrekking op de implicaties van de morele keuzes. Door empathie en voorstellingsvermogen zijn we in staat ons in te leven in de effecten van een bepaalde beslissing in het leven van een ander.

Wanneer we begrijpen welke positie we innemen en hoe die positie zich verhoudt met onze en andermans opvattingen over het leven, kunnen we bewust kiezen. Zo zijn we in staat om verantwoording te dragen voor ons eigen leven.

In Aristoteles’ staatsideeën is een grote rol weggelegd voor dichters, schrijvers en theatermakers om precies deze reden: door het prikkelen van het voorstellingsvermogen worden we gedwongen met hart en ziel betrokken te zijn bij de keuzes die we maken. Het publieke debat moest zich afspelen in het theater, mensen moesten aan het denken worden gezet door beelden en metaforen, het verlangen moest gewekt worden, de lokroep van de muzen moest gehoord worden. Op deze manier werd het inzicht in het Goede Leven verfijnd en eigen gemaakt.
Nussbaum grijpt hierop terug, zij het met meer nuance. Ze ziet literatuur als het middel om ons morele denken te verfijnen. Door het voorstellingsvermogen te prikkelen ontwikkeld het empathisch vermogen zich. Literatuur stelt ons in staat in de huid van een ander kruipen. Literatuur is meeslepend, we worden met hart en ziel betrokken bij het fictieve leven van de hoofdpersoon. Tegelijkertijd is er de afstand die we nodig hebben om te kunnen reflecteren en niet meegesleept te worden in de zuigkracht van onze emoties. Er wordt bovendien niet, zoals in een dialoog, meteen een reactie gevraagd. We hebben genoeg tijd om na te denken over wat het leven van die ander betekent voor onze eigen opvattingen.

Wil de literatuur dat middel zijn tot verfijning van de moraal, dan moeten we reflectieve vragen stellen. We moeten onze eigen positie betrekken en vergelijken met de positie van de personages in het boek. Welke emoties spelen een rol? Welke emoties worden opgeroepen bij de lezer? Wie heeft mijn sympathie, wie staat me tegen? Waarom is dat zo? Welke redenen heeft een personage om bepaalde keuzes te maken?  Had ik dezelfde keuzes gemaakt in zijn of haar plaats? Wat is het centrale thema? Welke waarden worden er vertegenwoordigd? Welke waarde hecht ik aan die waarden? Vragen van dit soort leiden tot inzicht in onze eigen morele overtuigingen.

Ieder mens maakt morele beslissingen en bepaalt wat hij van meer of minder waarde vindt in het leven. Publieke personen als rechters en politici nemen echter beslissingen van heel ander kaliber, beslissingen met een niet te miskennen impact. Het is een kunst om je te blijven realiseren dat je beslissingen neemt over personen, dat het je niet in de koude kleren gaat zitten wanneer je beslissingen anders uitpakken dan je had verwacht. Onder druk van verantwoordelijkheid bestaat het risico dat emoties niet langer serieus genomen worden en er een verharding ontstaat. Nussbaums pleidooi voor de zoektocht naar het Goede Leven is dan ook met nadruk gericht op deze mensen.

We hebben democratieën ontworpen omdat we de vrijheid van het individu hoog aanslaan. Omdat we vinden dat iedereen recht heeft op een menswaardig bestaan. Omdat we met z’n allen de verantwoordelijkheid willen dragen voor een goed leven met gelijke kansen voor iedereen die zich binnen de grenzen van onze samenleving bevindt. Als publieke personen zich niet meer in kunnen leven in de mensen waar het over gaat, dan is dat strijdig met de fundamentele waarden van de democratie. Juist voor hen is het belangrijk om stevige morele grondvesten te hebben in het leven en te weten waar ze naar streven.

Gezien de huidige politieke ontwikkelingen in Nederland is de vraag naar waar we voor staan hoogst actueel. Neem minister Donner. Wat ligt er ten grondslag aan de reden dat hij een extra wet in wil voeren die er voor zorgt dat kwetsende opmerkingen ingeperkt worden? Maakt hij zich zorgen om mogelijke gevolgen en is het een manier om rust te creëren en excessen in te perken?  Heeft hij misschien de overtuiging dat we met de huidige wet onrecht toelaten? Zijn er grondige overtuigingen die hem tot dit voorstel doen besluiten of is het de angst voor het onbekende? Hoe ver kun je gaan om de veiligheid te garanderen zonder de vrijheid te verliezen?
Of Minister Zalm, is hij in staat zich in te leven in een situatie waarin het bijna onmogelijk lijkt te eindjes aan elkaar te knopen? Kent hij de klemmende druk van het gebrek aan geld? Waar wordt het inperken van overheidsvoorzieningen strijdig met menswaardigheid en gelijkheid? Met welke overtuiging komt hij tot dergelijke beslissingen?
En Minister Verdonk, wat is er door haar heen gegaan toen bleek dat  Somalië onveilig was en er onder haar hoede mensen terug zijn gestuurd die nu wellicht niet meer leven? Wat is haar opvatting van een ‘schrijnende situatie’? Wat gelooft ze over het opvangen van mensen in noodsituaties?
En waar heeft minister President Balkenende het over als hij over een waarden en normendebat spreekt? Waar staat hij zelf voor en wat is de reden dat hij denkt dat de samenleving baat heeft bij zo’n debat?

Er is maar een manier om antwoord te krijgen op deze vragen en dat is door ze te gaan stellen. Mijn nieuwsgierigheid is gewekt. Martha Nussbaum geeft ons de middelen in handen voor een interessant experiment. Ik ga bij politici langs om ze aan het woord te laten over de morele moeilijkheden waar ze tegen aan lopen. Een onbevooroordeeld interview, een open gesprek. Dat interview publiceer ik op Literair Nederland. Aan de hand van de antwoorden stellen we dan een literair advies op.

 

Martha Nussbaum, Wat Liefde Weet, Boom 2002
Martha Nussbaum, Cultivating Humanity, a classical defense of reform in liberal Education, Harvard University Press 1998

 

Reageer

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Kristalman – Atte Jongstra
15 mei 2012
Multatuli in een ander daglicht

Recensie door Jaap M. Jansen

Ach, we houden zoveel van lijstjes, van hiërarchieën. Héérlijk vinden we het, die Top 2000, die filmlijst van de IMDb, die peilingen van Maurice de Hond. Genieten.
Lees verder >
De dienares – Tim Parks
14 mei 2012
Een rockchick verloren in de edele Stilte 

Recensie door: Joost van der Vleuten

Een roman schrijven over een jonge vrouw met een leven vol sex, drugs en rock &roll, die zich terugtrekt in een Boeddhistisch klooster. Kan dat? Wordt dat geen blijmoedige kitsch of goedkope tirade tegen het westerse materialisme? Niet noodzakelijk.
Lees verder >
Liever waanzin dan weemoed
10 mei 2012
Recensie door Albert Hogeweij

Ademhalen onder de maan is Ingmar Heytzes tiende bundel. Eentje met gedichten over dagelijkse gebeurlijkheden, zelf beleefd dan wel opgepikt uit krantenberichten, alledaagse gedachten en ervaringen en bij voorkeur afgeleiden daarvan, al dan niet in opdracht geschreven en 39 in getal.
Lees verder >
Peuteren aan de rafelranden van het gewone
8 mei 2012
Recensie door Machiel Jansen

De Canadese pianist Glenn Gould (1932-1983), ooit wereldberoemd door zijn onnavolgbare uitvoeringen van Bach, waarbij je hem kon horen neuriën en zichzelf met één hand zag dirigeren, had een voorliefde voor de muziek van Arnold Schönberg. Deze had in 1921 de zogenaamde twaalf tonen muziek bedacht.
Lees verder >
Gedichten voor mensenkinderen
4 mei 2012
Recensie door Joost van der Vleuten

J.C. Bloem heeft het in één van zijn gedichten over ‘Moeilijk gewoon geluk’. Zeker in poëzie is dat een precaire zaak. Kitsch en wezenloosheid liggen op de loer. Hoewel: Gorter (Verzen 1890), Leo Vroman (maar lang niet altijd) en zelfs Gerrit Achterberg (bij vlagen, in Hoonte) wisten er wel weg mee.
Lees verder >
Spinvis te gast bij Literair Dispuut Flanor te Groningen
17 mei 2012
Dinsdagavond 29 mei is muzikant en zanger Erik de Jong van de eenmansband Spinvis te gast bij Literair Dispuut Flanor.
Lees verder >
Staande receptie. Literatuur, kritiek en literatuurwetenschap – Jos Joosten
16 mei 2012
Gesignaleerd

Vorige maand verscheen bij uitgeverij Vantilt het boek Staande receptie met als ondertitel Literatuur, kritiek en literatuurwetenschap.

'Vanaf het moment dat het eerste kritische oordeel over een boek werd gepubliceerd, waren er betrokkenen boos of blij. En derden wisten zeker dat het helemaal anders moest.
Lees verder >
Poetry International Festival – dinsdag 12 juni t/m zondag 17 juni
16 mei 2012
Door Ingrid van der Graaf

Het enerverendste evenement van de Stichting Poetry International is het jaarlijkse Poetry International Festival waarvan het eerste festival  plaats vond in 1970. Sindsdien groeide het uit tot een van de grootste en toonaangevendste poëziepodia van de wereld.

Het alweer 43e Poetry International Festival loopt van dinsdag 12 tot en met zondag 17 juni in de Rotterdamse Schouwburg. Recente edities van het Poetry International Festival openden steeds op zaterdag met een drukbezochte poëzieparade. Sinds vorig jaar start het festival op dinsdag met een grootschalige opening, waarna de opbouw begint naar een weekend vol dichters, poëzie, debat en speciale programma’s op vele locaties in en om de Rotterdamse Schouwburg.

Centraal in het programma staan de international poëzievoordrachten van twintig festivaldichters afkomstig uit de hele wereld. Daarnaast zijn er speciale programma's die zich richten op een bijzondere dichter, poëzievorm of maatschappelijke of literaire actualiteit. In een aantal van deze specials wordt het jaarlijkse festival thema uitgediept. Ieder jaar is er speciale aandacht voor de winnaar van de VSB Poëzieprijs. Dit jaar is dat de dichter Jan Lauwereyns. Tijdens het festival wordt de C. Buddingh'-prijs uitgereikt aan de schrijver van het beste Nederlandstalige poëziedebuut. In de loop der jaren heeft het festival zich dusdanig ontwikkeld dat er steeds meer ruimte is voor het publiek om actief mee te doen door bijvoorbeeld een  masterclass poëzie schrijven of poëzie lezen te volgen. Of deelnemen aan vertaalprojecten of schrijfworkshops/wedstrijden. De zogenaamde Rotterdamdag focust zich hoofdzakelijk op Poëzie in Rotterdam.

Sinds 2008 konden de bezoekers van Poetry International een entreeprijs 'naar eigen waardering' betalen. Omdat in deze tijd de crisis overal toeslaat, zal voor het Poetry International Festival weer gewoon kaarten worden verkocht die via de kassa en de website van de Rotterdamse Schouwburg te verkrijgen zijn.

De deelnemende festivaldichters staan inmiddels online.

Prijzen variëren per festivalavond van € 7,50 tot en met € 15,-.
Met een passe partout variërend in prijs van € 20,- tot € 29,50 heeft u voordelig toegang tot alle festivalprogramma's.
Kortingen zijn er op vertoon van studentenkaart, CJP, seniorenkaart, Rotterdampas, Schouwburgkaart en Schouwburg Vakpas.
Kijk voor meer informatie over kaartverkoop op de site van de Rotterdamse Schouwburg.

Lees hier meer over de geschiedenis van Poetry International.

 

 
Boekenwijsheid: boekbespreking met Paul van Tongeren over nihilisme
16 mei 2012
Door Ingrid van der Graaf

Dinsdag 22 mei onderzoekt ethicus Paul van Tongeren aan de hand van de roman Speeldrift van Juli Zeh, of het leven waarde heeft en of de begrippen goed en kwaad enige betekenis hebben.
Lees verder >
Rug aan Rug – Julia Franck
15 mei 2012
Gesignaleerd door de redactie

De kritieken zijn vooral in Duitsland verdeeld over de nieuwe roman van Julia Franck, auteur van De middagvrouw die internationaal geroemd werd. Jeroen van Kan sprak met haar voor het radioprogramma De Avonden.
Lees verder >