Bernlef

16 juni 2008

Bernlef (pseudoniem voor Hendrik Jan Marsman, Sint Pancras, 14 januari 1937) is een veelzijdig en productief auteur. Hij schreef romans, verhalen, gedichten, toneelstukken en essays over uiteenlopende onderwerpen (jazz, literatuur, schilderkunst, fotografie). Als vertaler heeft Bernlef in het Nederlandse taalgebied verschillende Amerikaanse en Zweedse dichters geïntroduceerd, zoals Marianne Moore, Elizabeth Bishop en Tomas Tranströmer.

Persoonlijk

J. Bernlef werd als Hendrik Jan (Henk) Marsman op 14 januari 1937 geboren in Sint-Pancras in de buurt van Alkmaar. Zijn jeugd bracht hij door in Amsterdam-West, in 1949 verhuisde het gezin Marsman naar Haarlem. Terug in Amsterdam in 1954 kreeg de jonge Henk op de HBS Nederlands van de schrijver Rob Nieuwenhuys die hem en zijn vrienden Gerard Stigter en Gerard Bron (de latere K. Schippers en Gerard Brands) in contact bracht met het werk van schrijvers als Nescio, Elsschot en Carmiggelt. Na zijn eindexamen in 1955 studeerde hij zes maanden aan de faculteit voor politieke en sociale wetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam en werkte vervolgens bij een boekhandel en een uitgeverij. Najaar 1956, vlak voor de Hongaarse opstand, moest hij in dienst.

In 1957 verbleef hij drie maanden in het militaire hospitaal Austerlitz. In deze periode debuteerde hij met het onder zijn eigen naam geschreven verhaal Mijn zusje Olga dat later verscheen in het blad Hoos. Naar aanleiding van die publicatie maakte de recensent Hans van Straten een vergelijking met de dichter Marsman. Dat was voor de jonge Henk Marsman reden na te gaan denken over een pseudoniem. Op een boekhandelscursus had hij net gehoord over de middeleeuwse Friese bard Bernlef, van wie geen werk bewaard was gebleven. Die naam, voorafgegaan door de beginletter van zijn tweede voornaam, werd zijn pseudoniem.

Na zijn diensttijd trok hij in 1958 naar Zweden, waar hij in de ban kwam van het weerbarstige landschap. Tot 1960 pendelde hij tussen Nederland en Zweden heen en weer. Definitief terug in Amsterdam werkte hij tot 1965, toen hij besloot van het schrijven te gaan leven, bij een grote importeur van boeken. In 1960 trouwde hij met Eva Hoornik met wie hij twee kinderen kreeg. Zijn vriend Gerard Stigter trouwde met Eva’s tweelingzusje.

Met Stigter en Brands richtte hij het ‘tijdschrift voor teksten’ Barbarber op dat tot 1971 bestond. Door op allerlei manieren het alledaagse binnen de poëzie te halen, wilden de redactieleden de grenzen van het literaire doorbreken. Een vaste werkmethode daarbij was het gebruik van ready-mades: bestaande teksten (zoals reclamekreten en krantenknipsels) die, uit hun context gelicht, tot poëzie werden. In 1977 was hij betrokken bij de heroprichting van Raster, een blad waarvan hij geruime tijd redacteur was. Als criticus schreef hij daarnaast voor uiteenlopende kranten en tijdschriften, zoals De Groene Amsterdammer, De Gids en de Haagse Post.

Een specifieke belangstelling heeft Bernlef altijd gehad voor de jazz, een onderwerp waar hij dan ook het nodige over geschreven heeft. Hij vervulde een bestuursfunctie bij de Stichting Jazz in Nederland.

Bernlef schreef een tiental romans, hij vertaalde er enkele en hij schreef ook verhalend proza. Bernlef had al vele tientallen publicaties op zijn naam staan toen hij voor het eerst succes boekte bij een groot publiek. De publicatie van Hersenschimmen in 1984 betekende een doorbraak. In 2000 zei hij hierover in de Volkskrant: ‘Begin jaren tachtig had ik last van een writer’s block. Toen begon ik aan Hersenschimmen, een sprong in het duister, en ontdekte dat ik het drama in mijn werk kon toelaten zonder sentimenteel te worden, en zonder mezelf ontrouw te zijn. Het boek betekende de doorbraak naar een groot publiek, ja, maar het gaf vooral mijzelf een enorme vrijheid: weg met de theorie, alles kon en mocht voortgaan, als ik dat wilde.’

Bron: www.literairnederland.nl en www.kb.nl

Bijzonderheden

  • Sinds 2002 publiceert J. Bernlef onder het pseudoniem Bernlef, dus zonder de initiaal J.
  • Bernlef heeft ook gepubliceerd onder de pseudoniemen Ronnie Appelman, J. Grauw, Cas den Haan, S. den Haan en Cas de Vries.
  • ‘Met een lift zakt hij de vergetelheid in.’ Deze zin – het begin van de roman De man in het midden (1976) – geeft in een notendop de thematiek weer die veel van het werk van J. Bernlef beheerst. Vergeten en vergetelheid, en onlosmakelijk daarmee verbonden verdwijnen en dood, zijn daarin kernbegrippen.

Werken

  • Onder de bomen (1963, verhalen)
  • Wat zij bedoelen (1965, met K. Schippers, interviews)
  • Stukjes en beetjes (1965, roman, later uitgegeven als: Achterhoedegevecht)
  • De schoenen van de dirigent (1966, poëzie)
  • Paspoort in duplo (1966, roman)
  • De schaduw van een vlek (1967, verhalen)
  • Een cheque voor de tandarts (1967, met K. Schippers, documentaire)
  • Bermtoerisme (1968, poëzie)
  • De dood van een regisseur (1968, roman)
  • De verdwijning van Kim Miller (1969, verhalen)
  • Wie a zegt (1970, essays)
  • Hoe wit kijkt een eskimo (1970, poëzie)
  • Het verlof (1971, roman)
  • Rondom een gat (1971, een winterboek)
  • De maker (1971, roman)
  • Grensgeval (1972, poëzie)
  • Sneeuw (1973, roman)
  • Brits (1974, poëzie)
  • Meeuwen (1975, roman)
  • De man in het midden (1976, roman)
  • Zwijgende man (1976, poëzie)
  • Gedichten 1960-1977 (1977, poëzie)
  • Anekdotes uit een zijstraat (1978, verhalen)
  • Stilleven (1979, poëzie)
  • Nachtrit (1979, toneel)
  • De ruïnebouwer (1980, verslag en schouwspel)
  • De kunst van het verliezen (1980, poëzie)
  • Onder ijsbergen (1981, roman)
  • Alles teruggevonden/niets bewaard (1982, poëzie)
  • Hersenschimmen (1984, roman, in 1987 bewerkt tot film en in 2006 tot theaterstuk)
  • Verschrijvingen (1985, prozagedichten)
  • Wolftoon (1986, poëzie)
  • Publiek geheim (1987, roman)
  • Drie eilanden (1987, een bundel waarin opgenomen de romans sneeuw, meeuwen en onder ijsbergen)
  • Gedichten 1970-1980 (1988, poëzie)
  • Geestgronden (1988, poëzie)
  • Vallende ster (1989, novelle)
  • Achterhoede gevecht (1989, een bewerking van het in 1965 als prozadebuut uitgegeven Stukjes en beetjes)
  • De noodzakelijke engel (1990, poëzie)
  • Doorgaande reizigers (1990, verhalen)
  • Verborgen helden (1991, bloemlezing)
  • Ontroeringen (1991, essays)
  • De witte stad (1992, roman)
  • De herinneringen zien mij (1992, integrale vertaling van het werk van Tranströmer)
  • Niemand wint (1993, poëzie)
  • Eclips (1993, roman)
  • Schiet niet op de pianist. Over jazz (1993, essays)
  • Vreemde wil (1994, poëzie)
  • Esther (1994, toneel)
  • Alfabet op de rug gezien (1995, poëzievertalingen)
  • Cellojaren (1995, verhalen)
  • Achter de rug. Gedichten 1960-1990 (1997)
  • Verloren zoon (1997, roman)
  • Schijngestalten (1997, bevat tevens Hersenschimmen, Vallende ster en Eclips)
  • Onder ijsbergen (1997, herduk als Grote Lijsters 1997 Nr.1, literaire reeks voor scholieren)
  • De losse pols (1998, essays)
  • Aambeeld (1998, poëzie)
  • Meneer Toto-tolk (ter gelegenheid van de jaarwisseling 1998-1999)
  • Haalt de jazz de eenentwintigste eeuw? (1999, essays)
  • Tindeman’s Dilemma (1999, verhalen)
  • Boy (2000, roman)
  • Kokkels & Stenen spoelen (2000, verzen & verhalen)
  • Bernlefs beste volgens Bernlef (2000, verhalen)
  • Bagatellen voor een landschap (2001, gedichten)
  • Tegenliggers (2001, portretten en ontmoetingen)
  • Verbroken zwijgen (2002, verhalen)
  • Buiten is het maandag (2003, roman)
  • Kiezel en traan (2004, gedichten)
  • De onzichtbare jongen (2005, roman)
  • Een jongensoorlog (2005, roman, een door de schrijver zelf herziene versie van de eerdere romans Stukjes en beetjes en Achterhoedegevecht)
  • Hoe van de trap te vallen (2006, jazzverhalen)
  • Hersenschimmen (2006, leesclubeditie)
  • Op slot (2007, roman)
  • Het begin van tranen (2008, verhalen)
  • De pianoman (2008, Boekenweekgeschenk)
    Bronnen: www.biblioweb.nl en www.kb.nl

Prijzen

  • 1959 Reina Prinsen Geerligs-prijs voor Kokkels
  • 1962 Poëzieprijs van de gemeente Amsterdam voor Morene
  • 1964 Lucy B. en C.W. van der Hoogt-prijs Dit verheugd verval
  • 1964 Poëzieprijs van de gemeente Amsterdam voor het gedicht ‘Een dode hagedis’ in de bundel Dit verheugd verval.
  • 1977 Vijverberg-prijs voor De man in het midden
  • 1984 Constantijn Huygens-prijs voor gehele oeuvre
  • 1987 AKO-literatuurprijs voor Publiek geheim
  • 1989 Diepzee-prijs voor Hersenschimmen
  • 1994 P.C. Hooft-prijs voor gehele oeuvre
    Bron: www.literaireprijzen.nl

Tekening: Martien Bos, www.antisomber.nl

 

Reageer

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Kristalman – Atte Jongstra
15 mei 2012
Multatuli in een ander daglicht

Recensie door Jaap M. Jansen

Ach, we houden zoveel van lijstjes, van hiërarchieën. Héérlijk vinden we het, die Top 2000, die filmlijst van de IMDb, die peilingen van Maurice de Hond. Genieten.
Lees verder >
De dienares – Tim Parks
14 mei 2012
Een rockchick verloren in de edele Stilte 

Recensie door: Joost van der Vleuten

Een roman schrijven over een jonge vrouw met een leven vol sex, drugs en rock &roll, die zich terugtrekt in een Boeddhistisch klooster. Kan dat? Wordt dat geen blijmoedige kitsch of goedkope tirade tegen het westerse materialisme? Niet noodzakelijk.
Lees verder >
Liever waanzin dan weemoed
10 mei 2012
Recensie door Albert Hogeweij

Ademhalen onder de maan is Ingmar Heytzes tiende bundel. Eentje met gedichten over dagelijkse gebeurlijkheden, zelf beleefd dan wel opgepikt uit krantenberichten, alledaagse gedachten en ervaringen en bij voorkeur afgeleiden daarvan, al dan niet in opdracht geschreven en 39 in getal.
Lees verder >
Peuteren aan de rafelranden van het gewone
8 mei 2012
Recensie door Machiel Jansen

De Canadese pianist Glenn Gould (1932-1983), ooit wereldberoemd door zijn onnavolgbare uitvoeringen van Bach, waarbij je hem kon horen neuriën en zichzelf met één hand zag dirigeren, had een voorliefde voor de muziek van Arnold Schönberg. Deze had in 1921 de zogenaamde twaalf tonen muziek bedacht.
Lees verder >
Gedichten voor mensenkinderen
4 mei 2012
Recensie door Joost van der Vleuten

J.C. Bloem heeft het in één van zijn gedichten over ‘Moeilijk gewoon geluk’. Zeker in poëzie is dat een precaire zaak. Kitsch en wezenloosheid liggen op de loer. Hoewel: Gorter (Verzen 1890), Leo Vroman (maar lang niet altijd) en zelfs Gerrit Achterberg (bij vlagen, in Hoonte) wisten er wel weg mee.
Lees verder >
Spinvis te gast bij Literair Dispuut Flanor te Groningen
17 mei 2012
Dinsdagavond 29 mei is muzikant en zanger Erik de Jong van de eenmansband Spinvis te gast bij Literair Dispuut Flanor.
Lees verder >
Staande receptie. Literatuur, kritiek en literatuurwetenschap – Jos Joosten
16 mei 2012
Gesignaleerd

Vorige maand verscheen bij uitgeverij Vantilt het boek Staande receptie met als ondertitel Literatuur, kritiek en literatuurwetenschap.

'Vanaf het moment dat het eerste kritische oordeel over een boek werd gepubliceerd, waren er betrokkenen boos of blij. En derden wisten zeker dat het helemaal anders moest.
Lees verder >
Poetry International Festival – dinsdag 12 juni t/m zondag 17 juni
16 mei 2012
Door Ingrid van der Graaf

Het enerverendste evenement van de Stichting Poetry International is het jaarlijkse Poetry International Festival waarvan het eerste festival  plaats vond in 1970. Sindsdien groeide het uit tot een van de grootste en toonaangevendste poëziepodia van de wereld.

Het alweer 43e Poetry International Festival loopt van dinsdag 12 tot en met zondag 17 juni in de Rotterdamse Schouwburg. Recente edities van het Poetry International Festival openden steeds op zaterdag met een drukbezochte poëzieparade. Sinds vorig jaar start het festival op dinsdag met een grootschalige opening, waarna de opbouw begint naar een weekend vol dichters, poëzie, debat en speciale programma’s op vele locaties in en om de Rotterdamse Schouwburg.

Centraal in het programma staan de international poëzievoordrachten van twintig festivaldichters afkomstig uit de hele wereld. Daarnaast zijn er speciale programma's die zich richten op een bijzondere dichter, poëzievorm of maatschappelijke of literaire actualiteit. In een aantal van deze specials wordt het jaarlijkse festival thema uitgediept. Ieder jaar is er speciale aandacht voor de winnaar van de VSB Poëzieprijs. Dit jaar is dat de dichter Jan Lauwereyns. Tijdens het festival wordt de C. Buddingh'-prijs uitgereikt aan de schrijver van het beste Nederlandstalige poëziedebuut. In de loop der jaren heeft het festival zich dusdanig ontwikkeld dat er steeds meer ruimte is voor het publiek om actief mee te doen door bijvoorbeeld een  masterclass poëzie schrijven of poëzie lezen te volgen. Of deelnemen aan vertaalprojecten of schrijfworkshops/wedstrijden. De zogenaamde Rotterdamdag focust zich hoofdzakelijk op Poëzie in Rotterdam.

Sinds 2008 konden de bezoekers van Poetry International een entreeprijs 'naar eigen waardering' betalen. Omdat in deze tijd de crisis overal toeslaat, zal voor het Poetry International Festival weer gewoon kaarten worden verkocht die via de kassa en de website van de Rotterdamse Schouwburg te verkrijgen zijn.

De deelnemende festivaldichters staan inmiddels online.

Prijzen variëren per festivalavond van € 7,50 tot en met € 15,-.
Met een passe partout variërend in prijs van € 20,- tot € 29,50 heeft u voordelig toegang tot alle festivalprogramma's.
Kortingen zijn er op vertoon van studentenkaart, CJP, seniorenkaart, Rotterdampas, Schouwburgkaart en Schouwburg Vakpas.
Kijk voor meer informatie over kaartverkoop op de site van de Rotterdamse Schouwburg.

Lees hier meer over de geschiedenis van Poetry International.

 

 
Boekenwijsheid: boekbespreking met Paul van Tongeren over nihilisme
16 mei 2012
Door Ingrid van der Graaf

Dinsdag 22 mei onderzoekt ethicus Paul van Tongeren aan de hand van de roman Speeldrift van Juli Zeh, of het leven waarde heeft en of de begrippen goed en kwaad enige betekenis hebben.
Lees verder >
Rug aan Rug – Julia Franck
15 mei 2012
Gesignaleerd door de redactie

De kritieken zijn vooral in Duitsland verdeeld over de nieuwe roman van Julia Franck, auteur van De middagvrouw die internationaal geroemd werd. Jeroen van Kan sprak met haar voor het radioprogramma De Avonden.
Lees verder >