-
Archives
- februari 2012
- januari 2012
- december 2011
- november 2011
- oktober 2011
- september 2011
- augustus 2011
- juli 2011
- juni 2011
- mei 2011
- april 2011
- maart 2011
- februari 2011
- januari 2011
- december 2010
- november 2010
- oktober 2010
- september 2010
- augustus 2010
- juli 2010
- juni 2010
- mei 2010
- april 2010
- maart 2010
- februari 2010
- januari 2010
- december 2009
- november 2009
- oktober 2009
- september 2009
- augustus 2009
- juli 2009
- juni 2009
- mei 2009
- april 2009
- maart 2009
- februari 2009
- januari 2009
- december 2008
- november 2008
- oktober 2008
- september 2008
- augustus 2008
- juli 2008
- juni 2008
- mei 2008
- april 2008
- maart 2008
- februari 2008
- januari 2008
- december 2007
- november 2007
- oktober 2007
- september 2007
- augustus 2007
- juli 2007
- juni 2007
- mei 2007
- april 2007
- maart 2007
- februari 2007
- januari 2007
- december 2006
- november 2006
- oktober 2006
- september 2006
- augustus 2006
- juli 2006
- juni 2006
- mei 2006
- april 2006
- maart 2006
- februari 2006
- januari 2006
- december 2005
- november 2005
- oktober 2005
- september 2005
- augustus 2005
- juli 2005
- juni 2005
- mei 2005
- april 2005
- maart 2005
- februari 2005
- januari 2005
- december 2004
- november 2004
- oktober 2004
- september 2004
- augustus 2004
- juli 2004
- juni 2004
- mei 2004
- april 2004
- maart 2004
- februari 2004
- januari 2004
- december 2003
- november 2003
- oktober 2003
- september 2003
- augustus 2003
- juli 2003
- juni 2003
- mei 2003
- april 2003
- maart 2003
- februari 2003
- januari 2003
- december 2002
-
Meta
Monthly Archives: augustus 2006
Dichters halen kastanjes uit het vuur
“Onderzoekers in Wageningen zijn naarstig op zoek naar oorzaken van deze ziektes. Als zij niets vinden verdwijnt de boom uit het stads- park- en straatbeeld. Generaties kinderen zullen opgroeien zonder een majestueuze kastanjeboom op het schoolplein.
Lees verder >
28 augustus 2006
Lees verder >
Het belang van Edward Lindeman,Joseph Pearce
In de paasvakantie vertrekt Edward Lindeman, wiskundeleraar, voor een korte vakantie naar Engeland. Zijn vrouw Roos, lerares klassieke talen op dezelfde school, begeleidt op dat moment de laatstejaars op hun reis naar Griekenland.
Lees verder >
28 augustus 2006
Lees verder >
Stefan Brijs
Stefan Brijs werd geboren op 29 december 1969 in Genk (Belgisch-Limburg), waar hij ook jarenlang woonde en naar school ging. In 1990 studeerde hij af als onderwijzer en begon als opvoeder aan zijn vroegere middelbare school te werken. Van 1994 tot 1997 woonde hij in Zonhoven, daarna vestigde hij zich opnieuw in Genk.
Lees verder >
28 augustus 2006
Lees verder >
En wederom is de Nederlandse belastingbetaler de dupe

28 augustus 2006
Arjan Peters heeft in de Volkskrant van 25 augustus de confrontatie gezocht met het Fonds voor de Letteren. In zijn artikel 'Wie zijn de beste Nederlandstalige schrijvers en dichters, En waarom?' beschuldigt hij impliciet het Fonds van vriendjespolitiek en stelt werkbeurzen aan onder andere Geerten Meijsing ter discussie. Wie het stukje van Arjan Peters goed leest bekruipt het unheimische gevoel dat dit nog maar het puntje van de ijsberg is.
Arjan Peters ontpopt zich als de Ad Bos van de Nederlandse literatuur, een klokkenluider die met gevaar voor eigen reputatie het opneemt voor de Nederlandse belastingbetaler. De criticus van de Volkskrant moet al jaren op de hoogte geweest zijn van de malafide praktijken, misschien heeft hij zelf ook op een zwak moment steekpenningen voor het bundelen van recensies en interviews aangenomen (Je weet het niet, je weet het niet). Maar ergens is er iets in hem geknapt en heeft hij besloten de literaire vuile was buiten te hangen. Dapper, zeker gezien de ondankbare ontvangst van slecht nieuws.
Hoe het ook zij, wederom is de Nederlandse belastingbetaler de dupe. In het geval van de bouwfraude betaalde de Nederlandse belastingbetaler te veel voor bruggen en wegen, maar in het geval van het Fonds voor de literatuur werd de Nederlandse belastingbetaler op kosten gejaagd voor,…ja voor wat eigenlijk? Voor een zesdelige serie dunne boekjes van Erik Vlaminck over zijn Noord-Antwerpse familie! De meeste belastingbetalers weten niet eens waar Antwerpen ligt, laat staan dat de stad is opgedeeld in windrichtingen. Maar het wordt nog erger. Uit onderzoek van Arjan Peters is gebleken dat J.Rentes de Carvalho 55 duizend euro heeft ontvangen voor een roman die niet alleen in het Portugees is geschreven, maar ook nog eens de ondankbare titel Gods toorn over Nederland draagt. Laat u dit even op u inwerken. Een buitenlander vestigt zich in ons mooie Nederland, maakt gebruik van alles wat onze verzorgingsstaat te bieden heeft, ontvangt 55 duizend euro voor het schrijven van een roman om die dan vervolgens de ondankbare titel: Gods toorn over Nederland mee te geven. Het is toch Godgeklaagd.
Andreas Vonder
Arjan Peters ontpopt zich als de Ad Bos van de Nederlandse literatuur, een klokkenluider die met gevaar voor eigen reputatie het opneemt voor de Nederlandse belastingbetaler. De criticus van de Volkskrant moet al jaren op de hoogte geweest zijn van de malafide praktijken, misschien heeft hij zelf ook op een zwak moment steekpenningen voor het bundelen van recensies en interviews aangenomen (Je weet het niet, je weet het niet). Maar ergens is er iets in hem geknapt en heeft hij besloten de literaire vuile was buiten te hangen. Dapper, zeker gezien de ondankbare ontvangst van slecht nieuws.
Hoe het ook zij, wederom is de Nederlandse belastingbetaler de dupe. In het geval van de bouwfraude betaalde de Nederlandse belastingbetaler te veel voor bruggen en wegen, maar in het geval van het Fonds voor de literatuur werd de Nederlandse belastingbetaler op kosten gejaagd voor,…ja voor wat eigenlijk? Voor een zesdelige serie dunne boekjes van Erik Vlaminck over zijn Noord-Antwerpse familie! De meeste belastingbetalers weten niet eens waar Antwerpen ligt, laat staan dat de stad is opgedeeld in windrichtingen. Maar het wordt nog erger. Uit onderzoek van Arjan Peters is gebleken dat J.Rentes de Carvalho 55 duizend euro heeft ontvangen voor een roman die niet alleen in het Portugees is geschreven, maar ook nog eens de ondankbare titel Gods toorn over Nederland draagt. Laat u dit even op u inwerken. Een buitenlander vestigt zich in ons mooie Nederland, maakt gebruik van alles wat onze verzorgingsstaat te bieden heeft, ontvangt 55 duizend euro voor het schrijven van een roman om die dan vervolgens de ondankbare titel: Gods toorn over Nederland mee te geven. Het is toch Godgeklaagd.
Andreas Vonder
Ooitgedicht,Willem van Toorn (samenstelling)
In 1985, rond mijn tiende, kwamen drie boeken ons huis binnen die de loop van mijn leven duidelijk beïnvloed hebben.
Lees verder >
28 augustus 2006
Lees verder >
Elke dag is zondag,Barney Agerbeek
De dichter Barney Agerbeek ( 1948) verdiende zijn sporen al ruimschoots als dichter van de onvergetelijke bundel “Opzij van mensen” uit 2003. Deze bundel was snel uitverkocht en zou een tweede druk verdienen. De pers was uiterst lovend over dit debuut en terecht.
Lees verder >
28 augustus 2006
Lees verder >
We weten heus wel hoe laat het is,Marcel Van Roosmalen
Het boek begint in 1987 en de hoofdpersoon- ene Maarten- is op dat moment negentien jaar. Hij heeft een jaar internaat achter de rug en twee verprutste HAVO-eindexamens maar nu slaagt hij dan eindelijk voor zijn herexamen geschiedenis.
Lees verder >
21 augustus 2006
Lees verder >
Eugène Rellum
Negerschap - mijn vlag, mijn vuist, mijn zon
Eugène Willem Eduard Rellum is op 10 februari 1896 in Paramaribo geboren. Hij was landmeter en heeft eerst in Indonesië gewerkt en daarna in Suriname. Lange tijd daarna werkte hij als dansleraar in Nederland. Daar is hij op 29 juli 1989 gestorven. Rellum behoort tot de zestigers.
Lees verder >
21 augustus 2006
Eugène Willem Eduard Rellum is op 10 februari 1896 in Paramaribo geboren. Hij was landmeter en heeft eerst in Indonesië gewerkt en daarna in Suriname. Lange tijd daarna werkte hij als dansleraar in Nederland. Daar is hij op 29 juli 1989 gestorven. Rellum behoort tot de zestigers.
Lees verder >
Wees elitair

21 augustus 2006
Op het gevaar af dat dit redactioneel voor veel verwarring zorgt: de kop zegt iets wat ik nastrevenswaardig vind. Heel veel artikelen in kranten en tijdschriften zullen deze week de 'ik ben terug van vakantie’-toon hebben. Vorige week schreef Saskia daar een grappig bedoelde variant van op deze plek. Ik heb nog een week vakantie goddank, maar ben er wel twee weken tussen uit geweest in Den Haag (als de zon niet schijnt geen aanbeveling). Ik zit dan in het huis van mijn zus, die zelf altijd naar verweggistan is (waar altijd de zon schijnt). Als het stapeltje boeken van mij op is, begin ik meestal aan die van haar. Zij heeft een andere smaak: Saskia Noort, Simone van der Vlugt, Maeve Binchey.
Dit jaar las ik De eetclub van Saskia Noort en, waarschijnlijk als een van de laatste Nederlanders De Da Vinci Code van Dan Brown. Lekkere boeken om te lezen als het regent, je wordt als lezer voortgestuwd door de plot, ze zitten handig in elkaar, kortom echte pageturners.
Maar geen literatuur. Daar kun je argumenten voor aandragen die te maken hebben met de stijl, de structuur en zelfs het genre (een boek ‘literaire thriller’ noemen, maakt het nog niet literair). Wat literair is of niet wordt door de elite bepaald (wetenschappers, recensenten, geschoolde lezers) en is aan verandering onderhevig. Op fora van Literair Nederland en elders kun je daarover meeschrijven. Hetzelfde gebeurt in de wereld van de haute cuisine: Michelinsterren laat je niet uitdelen door de bedrijfsleider van de Febo.
Mensen die oordelen wordt vaak arrogantie verweten (zoals mij vorige week overkwam) en het is typisch Nederlands om dan op hoge toon een discussie te voeren die al lang niet meer over het boek gaat, maar over je kennis van zaken. Daar moeten we eens van af.
Ik ben ook nog docent (om maar met L.H. Wiener te spreken, ook zijn laatste boek las ik de afgelopen weken: dat is pas literatuur om je vingers bij af te likken) en krijg van studenten wel eens de vraag of ze Kluun of Saskia Noort op de lijst mogen zetten. Ik probeer altijd te schipperen (nou goed, 1 Kluun, maar dan moet er wel wat stevigs tegenover staan) en ik lees dan meestal ook de boeken waar ik een negatief oordeel over heb om dat oordeel te kunnen onderbouwen. Liever slechte literatuur dan lectuur. Als (mede-)schrijver van twee gay-soaps denk ik dat ik daar ook over mag oordelen zonder van arrogantie beticht te worden.
Als vakantielezer kun je overigens ook bedrogen uitkomen. In mijn koffer op wieltjes zat dit jaar ook De schaduw van de wind van Carlos Ruis Zafón. Een boek dat gedeeltelijk over boeken gaat (‘verdwenen boeken’ die beschermd moeten worden). Het boek kent een interessante intrige, leest lekker weg, maar hoort volgens mij ook niet tot de literatuur, ondanks de vele schimpscheuten die de hoofdpersoon maakt over lezers van driestuiverromannetjes. Juist dit boek staat vol onverwachte wendingen en ongeloofwaardige overgangen; het vliegt van cliffhanger naar cliffhanger en is uiteindelijk zelf niet meer dan een driestuiverroman. Heerlijk op het strand, lekker om thuis te lezen als het regent en je niet teveel hoeft na te denken. Maar geen literatuur.
Coen Peppelenbos
Dit jaar las ik De eetclub van Saskia Noort en, waarschijnlijk als een van de laatste Nederlanders De Da Vinci Code van Dan Brown. Lekkere boeken om te lezen als het regent, je wordt als lezer voortgestuwd door de plot, ze zitten handig in elkaar, kortom echte pageturners.
Maar geen literatuur. Daar kun je argumenten voor aandragen die te maken hebben met de stijl, de structuur en zelfs het genre (een boek ‘literaire thriller’ noemen, maakt het nog niet literair). Wat literair is of niet wordt door de elite bepaald (wetenschappers, recensenten, geschoolde lezers) en is aan verandering onderhevig. Op fora van Literair Nederland en elders kun je daarover meeschrijven. Hetzelfde gebeurt in de wereld van de haute cuisine: Michelinsterren laat je niet uitdelen door de bedrijfsleider van de Febo.
Mensen die oordelen wordt vaak arrogantie verweten (zoals mij vorige week overkwam) en het is typisch Nederlands om dan op hoge toon een discussie te voeren die al lang niet meer over het boek gaat, maar over je kennis van zaken. Daar moeten we eens van af.
Ik ben ook nog docent (om maar met L.H. Wiener te spreken, ook zijn laatste boek las ik de afgelopen weken: dat is pas literatuur om je vingers bij af te likken) en krijg van studenten wel eens de vraag of ze Kluun of Saskia Noort op de lijst mogen zetten. Ik probeer altijd te schipperen (nou goed, 1 Kluun, maar dan moet er wel wat stevigs tegenover staan) en ik lees dan meestal ook de boeken waar ik een negatief oordeel over heb om dat oordeel te kunnen onderbouwen. Liever slechte literatuur dan lectuur. Als (mede-)schrijver van twee gay-soaps denk ik dat ik daar ook over mag oordelen zonder van arrogantie beticht te worden.
Als vakantielezer kun je overigens ook bedrogen uitkomen. In mijn koffer op wieltjes zat dit jaar ook De schaduw van de wind van Carlos Ruis Zafón. Een boek dat gedeeltelijk over boeken gaat (‘verdwenen boeken’ die beschermd moeten worden). Het boek kent een interessante intrige, leest lekker weg, maar hoort volgens mij ook niet tot de literatuur, ondanks de vele schimpscheuten die de hoofdpersoon maakt over lezers van driestuiverromannetjes. Juist dit boek staat vol onverwachte wendingen en ongeloofwaardige overgangen; het vliegt van cliffhanger naar cliffhanger en is uiteindelijk zelf niet meer dan een driestuiverroman. Heerlijk op het strand, lekker om thuis te lezen als het regent en je niet teveel hoeft na te denken. Maar geen literatuur.
Coen Peppelenbos
In inkt gewassen,Charles Ducal
Charles DucalIn inkt gewassen‘Er is geen poëzie in een te helder leven’ schrijft Charles Ducal (1952) in het gedicht ‘Poëtica’. ‘Alles wat toonbaar is moet overschreven, / ieder gedicht gewassen in inkt’.
Lees verder >
21 augustus 2006
Lees verder >
Niemandsland,Hisham Matar
Hoe is het om als negenjarig jongetje in een dictatoriale staat te leven? Waarom wordt hem zo weinig verteld? Wat gebeurt er allemaal?Suleiman is zo'n jongetje, woonachtig in Libië waar Kadaffi (De Gids) zijn straffe bewind voert.
Lees verder >
21 augustus 2006
Lees verder >
Abel Herzberglezing zondag 17 september 15.00 uur
De schrijver en jurist Abel Herzberg (1893-1989) was als jong advocaat actief in de zionistische beweging in Nederland. Met zijn vrouw overleefde hij het concentratiekamp Bergen-Belsen.
Lees verder >
17 augustus 2006
Lees verder >
Een rusteloos leven,Marco Kamphuis
Groots en meeslepend wil ik levenBegin juli wijdde Jeroen Vullings in Vrij Nederland een artikel aan een roman die naar zijn smaak veel te weinig aandacht had gekregen. Vullings hing zijn artikel op aan de flaptekst van de roman én aan een interview met de auteur.
Lees verder >
14 augustus 2006
Lees verder >
Tussen de spruitjes

14 augustus 2006
Het is vakantietijd. Ik merk het aan de rust in de stad, als je de toeristen weg zou denken tenminste. Opeens is er altijd een parkeerplaats voor de deur, de piano van de buren heb ik in geen dagen gehoord en het scharrige schijthondje van de overkant is ook al in geen weken gesignaleerd. Amsterdam is op vakantie. Stap een willekeurige boekhandel binnen en je zult zien dat de personeelsbezetting gedecimeerd is en de overgebleven boekverkopers uit hun neus staan te eten. Kortom: komkommertijd.
Veel mensen leven een jaar lang naar deze zomervakantie toe, omdat er dan eindelijk weer eens gelezen kan worden. Het hele jaar worden de literatuurbijlagen weliswaar aandachtig bestudeerd en wordt de leesvoorraad zorgvuldig op peil gehouden - het wekelijkse bezoekje aan de boekhandel is niet meer weg te denken – maar aan het daadwerkelijke lezen komen velen niet toe.
Ik zou dit natuurlijk nooit zo boud kunnen stellen als het niet ook in zekere mate voor mijzelf gold. Hoewel ik, om in mijn levensonderhoud te voorzien, altijd met boeken bezig ben, moet ik tot mijn grote verdriet constateren dat datgene wat ik écht graag wil lezen op de zogenaamde ‘vakantiestapel’ verdwijnt. En zo gebeurde het dat mijn lief en ik in juni (‘lekker voor de grote drukte’) in de net aangeschafte oude Volvo 240 stationcar met een krat vol boeken naar Toscane vertrokken. Op de verschillende campings waar we stonden bleek al snel dat we enigszins uit de toon vielen. Zo’n grote, weliswaar oude, auto en dan zo’n piepklein tentje? En dat armoedige koelboxje (met kóélelementen, in welke eeuw leven we?), twee uitgescheurde kampeerstoeltjes van de Hema en één klein gasbrandertje. Maar dan wel zo’n krat met boeken… Er vielen ons vele meewarige blikken ten deel. Tot we op een camping in de buurt van Siena stonden. Opeens was daar een jong stel dat zich vergaapte voor het raampje van de auto, waar het boekenkrat zichtbaar in de achterbak stond. Wij hadden ze heus al wel gezien, bij het zwembad. Altijd leuk om van een afstand te raden wat iemand aan het lezen is. Voor haar was dat… Kluun? Echt? Ja, ik geloof het ook. En leest hij nou Nicci Gerrards Het voorbijgaan? Oei.
Tijdens de dramatische avond dat Nederland tegen Portugal moest voetballen en we gebroederlijk in het restaurant bij het zwembad toekeken hoe Nederland ten onder ging, werd er een, in eerste instantie voorzichtig, contact gelegd. Na een paar flessen plaatselijke rosé en nog meer flessen minder plaatselijk bocht bleek al snel de reden van hun boekenkeuze. Onze nieuwe vrienden, die ik voor het gemak Syl en Vin zal noemen, waren door hun beperkte voorraad leesvoer heen. Ze hadden, hoe ondoordacht, lukraak een paar verjaardagscadeaus en bookcrossing-vondsten in hun auto gegooid en waren op vakantie gegaan.
Toen we erachter kwamen dat ze in dezelfde stad als wij woonden boden wij natuurlijk ruiterlijk onze bibliotheek aan. Na veel gedraai en gedraal en gezucht en gesteun koos alleen Vin een exemplaar. Hoezeer ik mijn best ook deed om Rascha Peper, Gerard Reves briefwisseling met Van Oorschot, de laatste Harry Potter (dat mág in de vakantie), Stefan Brijs, Pavese, Carver, Litt, Modiano, Wolkers dagboek, Nabokov of Madame Bovary aan Syl te slijten, ze zou het de laatste dagen wel uitzingen met het boekenweekgeschenk en het boek dat Vin van ons zou lenen. En zo vertrokken ze de volgende dag toeterend richting Rome, vrolijk uit het raampje zwaaiend met Jonathan Coe’s Het huis van de slaap, en aanvaardden wij de terugreis, met een krat boeken waarvan we slechts eenderde gelezen hadden.
Dat was het laatste wat we ooit van Jonathan Coe zagen. Sindsdien hebben we niets meer van het boek vernomen. We zijn nu bijna twee maanden verder. Nu vrezen we dat het boek via de door Syl en Vin enthousiast beoefende bookcrossing-hobby het ruime sop gekozen heeft. Ik had er nooit eerder van gehoord, van dat bookcrossing. Inmiddels weet ik via de website www.bookcrossing.nl dat het wel dé manier is om van je ongewenste boeken af te komen, en daar tegelijkertijd een leuk spelelement aan toe te voegen. Dus mocht iemand tussen de spruitjes bij de AH een exemplaar van Coe’s Het huis van de slaap aantreffen…
Saskia Taggenbrock
Veel mensen leven een jaar lang naar deze zomervakantie toe, omdat er dan eindelijk weer eens gelezen kan worden. Het hele jaar worden de literatuurbijlagen weliswaar aandachtig bestudeerd en wordt de leesvoorraad zorgvuldig op peil gehouden - het wekelijkse bezoekje aan de boekhandel is niet meer weg te denken – maar aan het daadwerkelijke lezen komen velen niet toe.
Ik zou dit natuurlijk nooit zo boud kunnen stellen als het niet ook in zekere mate voor mijzelf gold. Hoewel ik, om in mijn levensonderhoud te voorzien, altijd met boeken bezig ben, moet ik tot mijn grote verdriet constateren dat datgene wat ik écht graag wil lezen op de zogenaamde ‘vakantiestapel’ verdwijnt. En zo gebeurde het dat mijn lief en ik in juni (‘lekker voor de grote drukte’) in de net aangeschafte oude Volvo 240 stationcar met een krat vol boeken naar Toscane vertrokken. Op de verschillende campings waar we stonden bleek al snel dat we enigszins uit de toon vielen. Zo’n grote, weliswaar oude, auto en dan zo’n piepklein tentje? En dat armoedige koelboxje (met kóélelementen, in welke eeuw leven we?), twee uitgescheurde kampeerstoeltjes van de Hema en één klein gasbrandertje. Maar dan wel zo’n krat met boeken… Er vielen ons vele meewarige blikken ten deel. Tot we op een camping in de buurt van Siena stonden. Opeens was daar een jong stel dat zich vergaapte voor het raampje van de auto, waar het boekenkrat zichtbaar in de achterbak stond. Wij hadden ze heus al wel gezien, bij het zwembad. Altijd leuk om van een afstand te raden wat iemand aan het lezen is. Voor haar was dat… Kluun? Echt? Ja, ik geloof het ook. En leest hij nou Nicci Gerrards Het voorbijgaan? Oei.
Tijdens de dramatische avond dat Nederland tegen Portugal moest voetballen en we gebroederlijk in het restaurant bij het zwembad toekeken hoe Nederland ten onder ging, werd er een, in eerste instantie voorzichtig, contact gelegd. Na een paar flessen plaatselijke rosé en nog meer flessen minder plaatselijk bocht bleek al snel de reden van hun boekenkeuze. Onze nieuwe vrienden, die ik voor het gemak Syl en Vin zal noemen, waren door hun beperkte voorraad leesvoer heen. Ze hadden, hoe ondoordacht, lukraak een paar verjaardagscadeaus en bookcrossing-vondsten in hun auto gegooid en waren op vakantie gegaan.
Toen we erachter kwamen dat ze in dezelfde stad als wij woonden boden wij natuurlijk ruiterlijk onze bibliotheek aan. Na veel gedraai en gedraal en gezucht en gesteun koos alleen Vin een exemplaar. Hoezeer ik mijn best ook deed om Rascha Peper, Gerard Reves briefwisseling met Van Oorschot, de laatste Harry Potter (dat mág in de vakantie), Stefan Brijs, Pavese, Carver, Litt, Modiano, Wolkers dagboek, Nabokov of Madame Bovary aan Syl te slijten, ze zou het de laatste dagen wel uitzingen met het boekenweekgeschenk en het boek dat Vin van ons zou lenen. En zo vertrokken ze de volgende dag toeterend richting Rome, vrolijk uit het raampje zwaaiend met Jonathan Coe’s Het huis van de slaap, en aanvaardden wij de terugreis, met een krat boeken waarvan we slechts eenderde gelezen hadden.
Dat was het laatste wat we ooit van Jonathan Coe zagen. Sindsdien hebben we niets meer van het boek vernomen. We zijn nu bijna twee maanden verder. Nu vrezen we dat het boek via de door Syl en Vin enthousiast beoefende bookcrossing-hobby het ruime sop gekozen heeft. Ik had er nooit eerder van gehoord, van dat bookcrossing. Inmiddels weet ik via de website www.bookcrossing.nl dat het wel dé manier is om van je ongewenste boeken af te komen, en daar tegelijkertijd een leuk spelelement aan toe te voegen. Dus mocht iemand tussen de spruitjes bij de AH een exemplaar van Coe’s Het huis van de slaap aantreffen…
Saskia Taggenbrock
De encyclopedie van de grote woorden,Mark Boog
De eenvoudigste zaken zijn de ingewikkeldsteEr verschijnt niet zoveel in de zomermaanden, maar voor Literair Nederland is de actualiteit toch al nooit het grootste goed geweest.
Lees verder >
14 augustus 2006
Lees verder >
Hoe mijn vader zijn woorden terugvond,Liesbeth Koenen
Liesbeth Koenen is taalkundige en schrijft al twintig jaar over alles wat met taal en met hersenen te maken heeft. Maar dan krijgt haar vader een beroerte met als gevolg afasie. Daar sta je dan met al je wetenschap. Het enige wat aldoor door haar hoofd maalt is: "De eerste twee maanden zijn essentieel.
Lees verder >
14 augustus 2006
Lees verder >
Eetgeenvlees,Hugo Brandt Corstius
Vorig jaar is uitgeverij Querido begonnen met een pamflettenreeks. Dunne boekjes met een mening over prangende kwesties. Het eerste deeltje werd geschreven door Thomas Rosenboom, Denkend aan Holland, een eloquente aanklacht tegen de verwende houding van de Nederlander.
Lees verder >
7 augustus 2006
Lees verder >
De 100 beste gedichten van 2005,Lut Missinne
De 100 beste gedichten van 2005 Elk jaar kiest de VSB Poëzieprijsjury de beste bundel uit van het jaar. Dat doen ze door middel van een nominatieronde. Dit jaar waren Mark Boog, Peter Ghyssaert, Esther Jansma, Roland Jooris en Martin Reints genomineerd. De eerste ging er met de prijs vandoor.
Lees verder >
7 augustus 2006
Lees verder >
Donderdag 10 augustus 2006 93ste poëzie-avond in de reeks De Muzeval
Samen met onze betreurde vriend dichter Verdano (alias Victor van der Daelen) publiceerde hij de dichtbundel Tovertaling, die op 14 juni 2005 op de 80ste Muzeval gepresenteerd en voorgedragen werd door beide auteurs onder de titel “dichter versus dichter”.
Lees verder >
4 augustus 2006
Lees verder >
Nieuwsbrief
Facebook
Twitter
RSS