-
Archives
- mei 2012
- april 2012
- maart 2012
- februari 2012
- januari 2012
- december 2011
- november 2011
- oktober 2011
- september 2011
- augustus 2011
- juli 2011
- juni 2011
- mei 2011
- april 2011
- maart 2011
- februari 2011
- januari 2011
- december 2010
- november 2010
- oktober 2010
- september 2010
- augustus 2010
- juli 2010
- juni 2010
- mei 2010
- april 2010
- maart 2010
- februari 2010
- januari 2010
- december 2009
- november 2009
- oktober 2009
- september 2009
- augustus 2009
- juli 2009
- juni 2009
- mei 2009
- april 2009
- maart 2009
- februari 2009
- januari 2009
- december 2008
- november 2008
- oktober 2008
- september 2008
- augustus 2008
- juli 2008
- juni 2008
- mei 2008
- april 2008
- maart 2008
- februari 2008
- januari 2008
- december 2007
- november 2007
- oktober 2007
- september 2007
- augustus 2007
- juli 2007
- juni 2007
- mei 2007
- april 2007
- maart 2007
- februari 2007
- januari 2007
- december 2006
- november 2006
- oktober 2006
- september 2006
- augustus 2006
- juli 2006
- juni 2006
- mei 2006
- april 2006
- maart 2006
- februari 2006
- januari 2006
- december 2005
- november 2005
- oktober 2005
- september 2005
- augustus 2005
- juli 2005
- juni 2005
- mei 2005
- april 2005
- maart 2005
- februari 2005
- januari 2005
- december 2004
- november 2004
- oktober 2004
- september 2004
- augustus 2004
- juli 2004
- juni 2004
- mei 2004
- april 2004
- maart 2004
- februari 2004
- januari 2004
- december 2003
- november 2003
- oktober 2003
- september 2003
- augustus 2003
- juli 2003
- juni 2003
- mei 2003
- april 2003
- maart 2003
- februari 2003
- januari 2003
- december 2002
-
Meta
Monthly Archives: januari 2005
Het stille geweld van dromen
Op 19 januari jongstleden pleegde K. Sello Duiker (30) zelfmoord. Duiker - een veelbelovend Zuid-Afrikaans auteur - verwerkte veel autobiografische elementen in zijn werk. Drugs, geweld, homoseksualiteit en de zoektocht naar identiteit spelen een grote rol in zijn romans.
Lees verder >
31 januari 2005
Lees verder >
Hans Vervoort
Hans Vervoort werd op 22 april 1939 geboren in Magelang (Indonesië) als zoon van een KNIL-militair. Zijn eerste jeugdherinneringen deed hij op in een Japans interneringskamp. Na de oorlog woonde het gezin in Makassar en Soerabaja. Het gezin kwam pas in 1953, geruime tijd na de grote uittocht uit Indonesië, naar Nederland.
Lees verder >
31 januari 2005
Lees verder >
Aan ons de strop

31 januari 2005
Die conclusie vind ik echt een beetje makkelijk! Alleen omdat ik vind dat we ons voortaan beter zouden kunnen beperken tot dode dichters bij het kiezen van een Dichter des Vaderlands zou ik iets tegen Driek van Wissen hebben. Een lokale dichtervorst die zich ver voorbij de grenzen van de beschaafde wereld onledig houdt met het bezingen van koeien en pluimvee, de koning van het rammelende rijm (nee, geen verwijzing naar de Vlaamse volksdichter W. Vandersteen), de verzenbakker uit Groningen wiens oeuvre mij als cosmopoliet uiteraard te min is. Zo zou ik ongeveer denken over onze nieuwe laureaat. Onzin! Ik ben noch tegen de provincie, noch tegen de poëzie van Driek van Wissen. Sterker nog, ik ben tegen geen enkele vorm van poëzie (ook al ben ik tevens van mening dat de duster van Nel Benschop niet aangekocht dient te worden door het Letterkundig Museum, maar dat geheel terzijde).
Laten we eerlijk zijn: van alle dichters op wie gestemd kon worden was de heer Van Wissen de meest geschikte voor de functie. De stemmers hebben dat goed gezien, want in meerderheid voor hem gekozen. Het volk heeft altijd gelijk. De heer Pfeijffer tot Dichter des Vaderlands verkiezen is zoiets als Michel Foucault, mits nog in leven, Michel Foucaults Weekend Quiz laten presenteren, marmotten incluis. Zou misschien vermakelijke televisie op kunnen leveren, maar kwaliteit en inzet van die kwaliteit zouden in dat geval danig uit balans zijn.
In het geval van Driek is dat in het geheel niet het geval. Hij is bij uitstek geschikt voor het vervaardigen van voor iedereen begrijpelijke versjes over Tsunami’s, koningskinderen en politieke moorden. Van het kaliber: 'Hier voor ons, koud op straat, ligt geen mens die is vermoord/ het is, denkend vrij te zijn, het woord'.
De verzen die Komrij schreef over al wat ons in dit land beroerde behoren niet bepaald tot zijn sterkste. Daar kunnen we kort over zijn. Gerrit Komrij’s Weekend Quiz. Met alle respect. Maar het valt hem nauwelijks aan te rekenen, het is de functie die van een begenadigd dichter een miezerige versjesbakker maakt. Iemand Dichter des Vaderlands maken mag je eigenlijk niemand aandoen, tenzij de dichter dood is.
Nu de Grote Bloemlezer de vrijheid van het woord weer heeft heroverd kan hij misschien eindelijk weer eens iets echt moois schrijven. Bij voorkeur niet in de kolommen van de krant, maar in een middelgrote bundel in middelgrote oplage. Liefst niet al te actueel ook graag.
Maar hoewel Van Wissen de meest geschikte rijmelaar van het stel is: ik ben niet voor levende dichters. Kiezen voor een dode biedt vele voordelen: 1) je weet precies wat je krijgt want het oeuvre is al compleet; 2) echt grote kunst is altijd tijdloos en actueel tegelijk, zodat die vreselijke versjes over vadsige troonopvolgers, kabinetten vol Playmobil-mannetjes en overige nationale rampen niet geschreven hoeven worden; 3) je doet de poëzie pas echt een plezier als je de vergeten vertegenwoordigers ervan van tijd tot tijd eens reanimeert.
Overigens leek Komrij zijn dwaling zelf ook in te zien: ‘Het enige voorbeeld dat we bezitten - dat van de Engelse Poet Laureate - had me toch kunnen leren dat alle Dichters des Vaderlands tegelijk met de eer voor de strop kiezen.’ Een troost voor Komrij en zijn liefhebbers dat des dichters hoofd aan het touw is ontkomen, en voor de echte Driek van Wissen-haters onder ons een troost dat het nu op het hoofd van iemand anders wacht.
Jeroen van Kan
Laten we eerlijk zijn: van alle dichters op wie gestemd kon worden was de heer Van Wissen de meest geschikte voor de functie. De stemmers hebben dat goed gezien, want in meerderheid voor hem gekozen. Het volk heeft altijd gelijk. De heer Pfeijffer tot Dichter des Vaderlands verkiezen is zoiets als Michel Foucault, mits nog in leven, Michel Foucaults Weekend Quiz laten presenteren, marmotten incluis. Zou misschien vermakelijke televisie op kunnen leveren, maar kwaliteit en inzet van die kwaliteit zouden in dat geval danig uit balans zijn.
In het geval van Driek is dat in het geheel niet het geval. Hij is bij uitstek geschikt voor het vervaardigen van voor iedereen begrijpelijke versjes over Tsunami’s, koningskinderen en politieke moorden. Van het kaliber: 'Hier voor ons, koud op straat, ligt geen mens die is vermoord/ het is, denkend vrij te zijn, het woord'.
De verzen die Komrij schreef over al wat ons in dit land beroerde behoren niet bepaald tot zijn sterkste. Daar kunnen we kort over zijn. Gerrit Komrij’s Weekend Quiz. Met alle respect. Maar het valt hem nauwelijks aan te rekenen, het is de functie die van een begenadigd dichter een miezerige versjesbakker maakt. Iemand Dichter des Vaderlands maken mag je eigenlijk niemand aandoen, tenzij de dichter dood is.
Nu de Grote Bloemlezer de vrijheid van het woord weer heeft heroverd kan hij misschien eindelijk weer eens iets echt moois schrijven. Bij voorkeur niet in de kolommen van de krant, maar in een middelgrote bundel in middelgrote oplage. Liefst niet al te actueel ook graag.
Maar hoewel Van Wissen de meest geschikte rijmelaar van het stel is: ik ben niet voor levende dichters. Kiezen voor een dode biedt vele voordelen: 1) je weet precies wat je krijgt want het oeuvre is al compleet; 2) echt grote kunst is altijd tijdloos en actueel tegelijk, zodat die vreselijke versjes over vadsige troonopvolgers, kabinetten vol Playmobil-mannetjes en overige nationale rampen niet geschreven hoeven worden; 3) je doet de poëzie pas echt een plezier als je de vergeten vertegenwoordigers ervan van tijd tot tijd eens reanimeert.
Overigens leek Komrij zijn dwaling zelf ook in te zien: ‘Het enige voorbeeld dat we bezitten - dat van de Engelse Poet Laureate - had me toch kunnen leren dat alle Dichters des Vaderlands tegelijk met de eer voor de strop kiezen.’ Een troost voor Komrij en zijn liefhebbers dat des dichters hoofd aan het touw is ontkomen, en voor de echte Driek van Wissen-haters onder ons een troost dat het nu op het hoofd van iemand anders wacht.
Jeroen van Kan
Joost Zwagerman – Roeshoofd hemelt
Pfeijffer meets Van WissenEen van de leukste gebeurtenissen van de afgelopen weken was de verkiezing van de Dichter des Vaderlands. Driek van Wissen, hij woont bij mij om de hoek en fietst regelmatig langs, vriendelijk zwaaiend, gaf de hele moderne dichterskliek het nakijken.
Lees verder >
31 januari 2005
Lees verder >
Ronald Ohlsen nieuwe stadsdichter van Groningen
Wie dacht dat de stadsdichter voor dit evenement enige met zorg geformuleerde jamben de zaal in zal spuwen, komt bedrogen uit. "Nou jury", spreekt de kersverse stadspoëet. "Bedankt. Ik ben het ermee eens." Tja, het is kort, het is duidelijk en het is? spontaan. En misschien is dit wat de jury aansprak in zijn ongekunstelde taalgebruik.
Lees verder >
29 januari 2005
Lees verder >
Nominaties VSB Poëzieprijs 2005
De jury, bestaande uit Thomas Vaessens, Eva Gerlach, Hagar Peeters, Marc Reugebrink en Dietlinde Willockx, koos de nieuwe bundels van deze vijf dichter uit 86 inzendingen.
Lees verder >
28 januari 2005
Lees verder >
Longlist Libris Literatuurprijs
* Robert Anker, Hajar en Daan (Querido)* Marja Brouwers, Casino (De Bezige Bij)* Stephan Enter, Lichtjaren (Van Oorschot)* Arnon Grunberg, De joodse messias (Vassallucci)* Kees ?t Hart, Ter navolging (Querido)* Mark Insingel, Hoe hij rolt (Meulenhoff)* Rob van der Linden, Het logboek van Brandaan (Meulenhoff)* Stijn van der Loo, De Galvano (Querido)* Patrici
Lees verder >
27 januari 2005
Lees verder >
Bibliotheek Nijmegen Literatuurprijs 2005 van start
Wie het aandurft eigen werk door de kritische jury te laten beoordelen, dient bij LUX een reglement aan te vragen voor verdere informatie, bij voorkeur via e-mail: literatuurprijs@lux-nijmegen.nl of eventueel per post: LUX, Postbus 1155, 6501 BD Nijmegen, o.v.v. ?literatuurprijs.
Lees verder >
27 januari 2005
Lees verder >
KNETTERENDE LETTEREN
Schrijver Toon Tellegen leest twee verhalen voor uit zijn pas verschenen bundel Middenin de nacht. Het zijn de beginwoorden van verhalen waarin het donker en stil is en waarin dieren vooral niet slapen, maar zich overgeven aan filosofische bespiegelingen over het leven.
Lees verder >
27 januari 2005
Lees verder >
Driek van Wissen nieuwe Dichter des Vaderlands
Het light verse in strakke vormen als het sonnet en rondeel heeft de voorkeur van Driek van Wissen. Zijn thema's zijn herkenbaar en de gedichten toegankelijk. De kritiek is over het algemeen iets minder te spreken over Van Wissen.
Lees verder >
27 januari 2005
Lees verder >
Pitface
Pitface is een zeer opvallend boek in het als een heelal uitdijende oeuvre van De-man-die-niets-schrappen-kan.Grofweg zou je zijn werk kunnen verdelen in twee kampen: enerzijds de romans waarin een personage met de naam Herman Brusselmans rondloopt, en waarin vroeger veel werd gezopen en later veel depressief met hondjes werd gelopen.
Lees verder >
24 januari 2005
Lees verder >
Marc Kregting
Luis in de pelsDe ‘genomineerde’ voor deze week is wellicht een beetje een verrassing. Marc Kregting is geen gelauwerde debutant, geen bestseller-auteur, geen fameus dichter.
Lees verder >
24 januari 2005
Lees verder >
Groetjes van Anne Frank
Grote Jiddische roman, Arnon GrunbergWeldenkende mensen, overal ter wereld, waren het erover eens: Hitlers oorlog was niet netjes geweest maar wel preventief. En wie hem met een onbevooroordeeld oog bekeek moest toegeven: hij had zijn mindere kantjes gehad, maar hij was een ziener geweest.
Lees verder >
24 januari 2005
Lees verder >
Online interview met Walter Kraut op het forum.
Het onverwachte bezoek brengt Ivo in verwarring. Wie is dit meisje eigenlijk, en waarom is ze zo geïnteresseerd in zijn levensgeschiedenis? Verleden en heden zijn in Blauwe ogen steeds moeilijker van elkaar te onderscheiden, zeker als de geschiedenis zich begint te herhalen en er een gevaarlijk spel ontstaat waarin geen van beiden nog langer zichzelf is.
Lees verder >
23 januari 2005
Lees verder >
Veel activiteiten in Antwerpen tijdens gedichtendag
THE KILLERPOETS!Een bestelwagen raast door Antwerpen. Aan boord: vijf woordenaars, tot de mond gewapend met poëzie. Ze stoppen bruusk. Hier en daar. Maar ongetwijfeld ook waar u zich bevindt. Er is geen ontsnappen aan. Ze knielen voor u, ze jagen uw koude lijf vol zilveren woorden, ze laten u achter, stuiptrekkend in een plas van warm geluk.
Lees verder >
22 januari 2005
Lees verder >
Don Quichot in Knetterende Letteren
Een gesprek met Joost Zwagerman. Hij zegt geen dichter te zijn - en wie zijn wij om hem tegen te spreken. Toch verschijnt deze week zijn vierde poëziebundel Roeshoofd hemelt. Over zelfmoord, krankzinnigheid en het gewone leven.presentatie: Kenneth van Zijl
Lees verder >
21 januari 2005
Lees verder >
Veel poëzie en nieuwe Dichter des Vaderlands op zesde Gedichtendag
De Dichter des Vaderlands begint de reis om 9.29 in Amsterdam en reist via Rotterdam, Breda, Den Bosch, Utrecht, Arnhem en Zwolle naar Groningen, waar de trein om 18.15 uur aankomt. Het volledige reisschema is te vinden op
Lees verder >
19 januari 2005
Lees verder >
Veertien soorten eenzaamheid
Niet nieuw, wel heel goed. Het heeft lang geduurd voor er werk van de Amerikaanse schrijver Richard Yates (1927-1992) in het Nederlands vertaald werd. Niet verwonderlijk voor een schrijver die al dood en begraven was en die vooral schreef over de minder florissante kanten van het naoorlogse Amerika.
Lees verder >
17 januari 2005
Lees verder >
Rondo Veneziano, Gerrit Krol
Onder ProfessorenVenetië is al heel lang een decorstad voor de literatuur en de film. De associaties die de stad oproept zijn dood en verval. In Nederland is dat het laatst gedaan door Rosita Steenbeek in Ballets Russes. Maar Gerrit Krol is een andere romanschrijver dan Rosita Steenbeek.
Lees verder >
17 januari 2005
Lees verder >
Nationale gedichtendag donderdag 27 januari 2005
Tevens dragen enkele acteurs een gedicht van hun keuze voor uit de gedichten die ze eerder voor 0909GEDICHT lazen. Tenslotte worden drie Haagse STADSgedichten van Daan de Ligt gelezen door de acteurs van 0909GEDICHT. Dit markeert de start van Daan de Ligts stadsgedichten op 0909GEDICHT gelezen door Daan de Ligt.
Lees verder >
15 januari 2005
Lees verder >
Paul van Ostaijen
Paul van Ostaijen wordt wel de eerste moderne dichter in het Nederlands taalgebied genoemd. Naast poëzie schrijft hij ook proza en opstellen over schilderkunst, beeldende kunst en poëzie. Van Ostaijen is op 22 februari 1896 in Antwerpen geboren en sterft aan tbc op 32 jarige leeftijd in 1928.
Lees verder >
15 januari 2005
Lees verder >
Het opstaan
Rudolf de Wolf, toneelschrijver en essayist, krijgt op zijn vijftigste eindelijk de erkenning die hij tot dan toe nooit heeft gehad. Maar echt genieten van de roem lukt hem niet. Juist de erkenning lijkt hem dieper in zijn al jaren durende depressie te sleuren. Zoals hij uitlegt aan zijn zoon: ‘Ik neem beslissingen over gevoelens. Heel zakelijk.
Lees verder >
10 januari 2005
Lees verder >
Jeanne Reyneke van Stuwe
Jeanne Henriëtte Reine Reyneke van Stuwe. De naam zegt je hoogstwaarschijnlijk niets. Jeanne Kloos wellicht wel. Inderdaad: de vrouw van. Willem Kloos is nog bekend, zijn vrouw is in de vergetelheid geraakt en dit terwijl ze een zeer populair auteur was aan het begin van de twintigste eeuw.
Lees verder >
10 januari 2005
Lees verder >
Lucht in de letteren

10 januari 2005
De Nederlandse letteren blinken niet uit in frivoliteit, lichtvoetigheid en humor. We zijn een nuchter volkje met een dodelijke neiging tot (zelf)relativering. Parodiëren doen we heel graag, want de parodie leent zich bij uitstek om onze snel optredende verzadiging of een milde vorm van verzet tegen de gevestigde orde vorm te geven. Er zijn immers altijd weer koppen te snellen die boven het maaiveld uitsteken. Maar de eigen geschiedenis of verwording van het wezen van de gemiddelde Nederlandse schrijver blijft meestal hangen als de loodgrijze hemel waaronder hij geschreven is.
Het is lang staren in de boekenkast voor ik een paar Nederlandse romans tegenkom die me aan het grinniken hebben gebracht. En telkens als ik meen er een gevonden te hebben, blijkt het om een Vlaming te gaan. En dat telt nu even niet.
Tragische figuren zat in onze literatuur. Daar schort het niet aan. Sympathieke antihelden heten dat dan. En op mindere dagen kun je je naar hartelust identificeren met deze personages. Maar identificatie is niet genoeg. Ontsnappen willen we aan ons lot! Navelstaren en mierenneuken en lijden aan het leven en de liefde, tja, je ontkomt er niet aan, maar wil niet iedereen uiteindelijk inslapen met idee dat alles goedkomt en dat het allemaal echt zo erg niet is?
Om welke boeken heb ik nou ooit moeten lachen?
In willekeurige volgorde: Onder professoren van W.F. Hermans; verhalen van Biesheuvel; De avonden van Gerard Reve; sommige passages van Arnon Grunberg in Blauwe maandagen, Figuranten, al is hij juist op zijn sterkst wanneer je, zoals in De asielzoeker iets dik voelt worden in je keel en ja, dan val ik eigenlijk alweer stil. Beetje treurige oogst.
Humor is natuurlijk geen voorwaarde voor goede literatuur, maar het is een geëigend stijlmiddel dat een mooi tegengif aan de hoogoplaaiende tragiek die de literatuur nu eenmaal eigen is kan bieden.
Misschien leent onze stugge taal zich ook minder voor leuke terloopse opmerkingen en rake observaties. Al is een taal ook wat je er zelf van maakt natuurlijk. Het Engels heeft zijn ‘wit’ ook zelf toegevoegd aan de woorden die op zichzelf alleen maar woorden zijn. Maar feit blijft dat er in Britse boeken beduidend meer te lachen valt, zonder dat de literaire waarde van die boeken minder zou worden. Jonathan Coe beschrijft in zijn twee boeken De Rotter’s Club en De Gesloten Kring bijvoorbeeld de jongste geschiedenis van Engeland met gebruikmaking van bijna elk literair stijlmiddel, en ik heb zelden zo vaak hardop moeten lachen als bij het lezen van die twee boeken. De hoofdpersonen uit zijn boeken zijn stuk voor stuk tragische figuren, die hun milieu en omstandigheden eigenlijk niet aankunnen, maar waar veel schrijvers in feite meedogenloos met hun personages omgaan, toont Coe juist de ultieme compassie door de lezer om ze te laten lachen. Wat meer mededogen zou de Nederlandse literatuur af en toe geen kwaad doen.
Daphne de Heer
Het is lang staren in de boekenkast voor ik een paar Nederlandse romans tegenkom die me aan het grinniken hebben gebracht. En telkens als ik meen er een gevonden te hebben, blijkt het om een Vlaming te gaan. En dat telt nu even niet.
Tragische figuren zat in onze literatuur. Daar schort het niet aan. Sympathieke antihelden heten dat dan. En op mindere dagen kun je je naar hartelust identificeren met deze personages. Maar identificatie is niet genoeg. Ontsnappen willen we aan ons lot! Navelstaren en mierenneuken en lijden aan het leven en de liefde, tja, je ontkomt er niet aan, maar wil niet iedereen uiteindelijk inslapen met idee dat alles goedkomt en dat het allemaal echt zo erg niet is?
Om welke boeken heb ik nou ooit moeten lachen?
In willekeurige volgorde: Onder professoren van W.F. Hermans; verhalen van Biesheuvel; De avonden van Gerard Reve; sommige passages van Arnon Grunberg in Blauwe maandagen, Figuranten, al is hij juist op zijn sterkst wanneer je, zoals in De asielzoeker iets dik voelt worden in je keel en ja, dan val ik eigenlijk alweer stil. Beetje treurige oogst.
Humor is natuurlijk geen voorwaarde voor goede literatuur, maar het is een geëigend stijlmiddel dat een mooi tegengif aan de hoogoplaaiende tragiek die de literatuur nu eenmaal eigen is kan bieden.
Misschien leent onze stugge taal zich ook minder voor leuke terloopse opmerkingen en rake observaties. Al is een taal ook wat je er zelf van maakt natuurlijk. Het Engels heeft zijn ‘wit’ ook zelf toegevoegd aan de woorden die op zichzelf alleen maar woorden zijn. Maar feit blijft dat er in Britse boeken beduidend meer te lachen valt, zonder dat de literaire waarde van die boeken minder zou worden. Jonathan Coe beschrijft in zijn twee boeken De Rotter’s Club en De Gesloten Kring bijvoorbeeld de jongste geschiedenis van Engeland met gebruikmaking van bijna elk literair stijlmiddel, en ik heb zelden zo vaak hardop moeten lachen als bij het lezen van die twee boeken. De hoofdpersonen uit zijn boeken zijn stuk voor stuk tragische figuren, die hun milieu en omstandigheden eigenlijk niet aankunnen, maar waar veel schrijvers in feite meedogenloos met hun personages omgaan, toont Coe juist de ultieme compassie door de lezer om ze te laten lachen. Wat meer mededogen zou de Nederlandse literatuur af en toe geen kwaad doen.
Daphne de Heer
Nieuwsbrief
Facebook
Twitter
RSS