-
Archives
- mei 2012
- april 2012
- maart 2012
- februari 2012
- januari 2012
- december 2011
- november 2011
- oktober 2011
- september 2011
- augustus 2011
- juli 2011
- juni 2011
- mei 2011
- april 2011
- maart 2011
- februari 2011
- januari 2011
- december 2010
- november 2010
- oktober 2010
- september 2010
- augustus 2010
- juli 2010
- juni 2010
- mei 2010
- april 2010
- maart 2010
- februari 2010
- januari 2010
- december 2009
- november 2009
- oktober 2009
- september 2009
- augustus 2009
- juli 2009
- juni 2009
- mei 2009
- april 2009
- maart 2009
- februari 2009
- januari 2009
- december 2008
- november 2008
- oktober 2008
- september 2008
- augustus 2008
- juli 2008
- juni 2008
- mei 2008
- april 2008
- maart 2008
- februari 2008
- januari 2008
- december 2007
- november 2007
- oktober 2007
- september 2007
- augustus 2007
- juli 2007
- juni 2007
- mei 2007
- april 2007
- maart 2007
- februari 2007
- januari 2007
- december 2006
- november 2006
- oktober 2006
- september 2006
- augustus 2006
- juli 2006
- juni 2006
- mei 2006
- april 2006
- maart 2006
- februari 2006
- januari 2006
- december 2005
- november 2005
- oktober 2005
- september 2005
- augustus 2005
- juli 2005
- juni 2005
- mei 2005
- april 2005
- maart 2005
- februari 2005
- januari 2005
- december 2004
- november 2004
- oktober 2004
- september 2004
- augustus 2004
- juli 2004
- juni 2004
- mei 2004
- april 2004
- maart 2004
- februari 2004
- januari 2004
- december 2003
- november 2003
- oktober 2003
- september 2003
- augustus 2003
- juli 2003
- juni 2003
- mei 2003
- april 2003
- maart 2003
- februari 2003
- januari 2003
- december 2002
-
Meta
Monthly Archives: juli 2004
Zojuist verschenen Yang 2004-2MARSLAND jaargang 40 nr. 2, juli 2004
Poëzie is er in dit nummer verder nog van Lucas Hüsgen en van de jonge dichter Marc Robbemond. Sven Cooremans schreef met zijn verhaal 'loxtof' bijzonder proza en voorts is er een verhaal van Robert Menasse.
Lees verder >
30 juli 2004
Lees verder >
Knetterende Letteren – 31 juli 2004
Knetterende LetterenZaterdag 31 juli 2004747 AMvan 14.00 tot 15.00 uurPresentatie: Kenneth van Zijl.http://www.nps.nl/knetterendeletteren - www.nps.nl/knetterendeletterenAMvdPBron: Persbericht Knetterende Letteren
Lees verder >
27 juli 2004
Lees verder >
Nederlandse Volksverhalenbank van het Meertens Instituut nu on line raapleegbaar
Niet dat de Volksverhalenbank nu voltooid is. Alleen al het archief van het Meertens Instituut herbergt nog vele duizenden optekeningen en opnames van vertelsessies. Maar er worden ook elke dag weer vele verhalen verteld: dat zijn niet altijd nieuwe verhalen, maar toch minstens oude verhalen in een nieuwe versie herverteld.
Lees verder >
27 juli 2004
Lees verder >
De luiaards in de vruchtbare vallei
Onlangs schreef ik op deze plaats over nikkeren. Voor diegene die het niet gezien hebben een klein fragment: Nikkeren. Vergeet al die associaties, stereotypen en meningen. Daar wordt je alleen maar moe van. Afhankelijk van opvoeding en peer-pressure kent iedereen het onder een andere naam. Niets doen, het fysieke nietsdoen.Liggen. Lekker lang liggen.
Lees verder >
26 juli 2004
Lees verder >
Maria Barnas
‘Een eigenzinnige stijl is de kracht van Maria Barnas,’ kopte Piet Gerbrandy al in oktober vorig jaar in de Volkskrant, toen hij haar poëziedebuut Twee zonnen besprak.
Lees verder >
26 juli 2004
Lees verder >
Spoetnikliefde, Haruki Murakami
Haruki Murakami, Spoetnikliefde, geschreven door Elisabeth, lid sinds 18 juni 2003Spoetnikliefde draait om drie mensen: de ikfiguur, K., leraar; Sumire, een naïeve jonge vrouw die haar studie heeft afgebroken en schrijfster wil worden; en Mioe, de werkgeefster van Sumire. K.
Lees verder >
26 juli 2004
Lees verder >
Nieuwe Bunker Hill uit
POEZIEJonge dichters als Jan-Willem Anker, Saskia Waterman en Sjeng Scheijen maken hun opwachting, evenals hun Amerikaanse collega Mark Strand met enkele adviezen aan jonge dichters. ILLUSTRATIESNiemand minder dan Glen Baxter beziet de Rietveld-stoel met geheel andere ogen.
Lees verder >
23 juli 2004
Lees verder >
Misschien maar beter ook
Het korte verhaal is het ondergeschoven kindje binnen de Nederlandse literatuur. Heeft het genre in met name de Angelsaksische landen nog wel enig aanzien en beroemde pleitbezorgers, in Nederland is het huilen met de pet op. We hebben F.B. Hotz, vooruit, en Maarten Biesheuvel. Hierna valt meestal een stilte.
Lees verder >
19 juli 2004
Lees verder >
Anna Blaman
Johanna Petronella Vrugt werd op 31 januari 1905 geboren in een huis aan het Vredenoordplein te Rotterdam. In haar schooljaren werd zij soms Jo genoemd; in haar vroege jeugd heette zij, zoals later weer, Anna. Hoewel haar pseudoniem Blaman pas dateert uit de tijd waarin zij met A. A. M.
Lees verder >
19 juli 2004
Lees verder >
Het vertraagde tempo van ontdekkingen

19 juli 2004
De goede uitgever is de lezer voortdurend een paar stappen voor. Dat is zijn werk. In de vakantie kan je eens een poging wagen een uitgever voor te zijn. Makkelijk is dat natuurlijk niet. Het kan niet lang meer duren voordat het boek Die Ausgewanderten. Vier lange Erzählungen van W.G. Sebald uit het Duits vertaald en door de Bezige Bij uitgegeven wordt. Deze uitgeverij gaf van dezelfde schrijver al Austerlitz uit en De natuurlijke historie van de verwoesting. Het boek Die Ausgewanderten. Vier lange Erzählungen is een bundel van vier beschrijvingen van geëmigreerde joden die lang na de oorlog, in een ver en veilig land alsnog een einde aan hun leven maken. Sebald onderzoekt de motieven zoals gewoonlijk door diep in zijn onderwerpen te graven, niet te snel voor de hand liggende conclusies te trekken, en wat waarschijnlijk het allermooist is: de lezer in zijn eigen tempo de ontdekkingen te laten doen.
Wonderlijke boeken van een wonderbaarlijke schrijver. In De natuurlijke historie van de verwoesting, een wat opgeklopte en vermoedelijk aan de Engelse uitgave ontleende vertaling van het mooi droge Luftkrieg und Literatur zoekt Sebald de achtergronden van de grote verzwegen vernietiging van de Tweede Wereldoorlog: die van de Duitse steden. Hij vraagt zich af waarom, in weerwil van wat de schoolliteratuurgeschiedenis ons in het hoofdstuk Trümmerliteratur wil doen geloven, die verschrikkelijke realiteit nauwelijks literaire verwerking kent. In de paar boeken die gelden als representant voor dit verleden wordt volgens Sebald ‘schematisch’ gereageerd op de verschrikkingen. Hij neemt constructies waar van gedachten en formuleringen die hem verraden dat de auteurs de vreselijke realiteit van kapotgeschoten steden en bergen stinkende lijken niet werkelijk hebben kunnen verwerken in hun literaire arbeid.
Het klassieke adagium dat de aanstichter van leed er niet over mag zeuren, erkent Sebald onmiddellijk als een van de mogelijke redenen, maar fascinerend is met name zijn zoektocht naar de bewijzen voor zijn stelling.
Het stuk is gebaseerd op een lezingenreeks die Sebald in 1997 in Zwitserland hield. Een goed bewijs voor de veronderstelling van de auteur dat de buitenproportionele luchtoorlog die Duitsland op de knieën dwong door Duitsers nooit is verwerkt, moet de overstelpende correspondentie zijn geweest die Sebald ontving naar aanleiding van een krantenartikel over de lezingen. Volgend op zijn onderzoek naar literaire verwerking van het thema bleek hem tenslotte dat ook de Duitse historici nauwelijks aandacht aan het onderwerp besteedden. Slechts de legerhistoricus Jörg Friedrich schreef er een hoofdstuk over in zijn naar Sebalds zin exemplarisch te weinig besproken Das Gesetz des Krieges. Deze Friedrichs schreef er uiteindelijk nog een veelomvattender boek over, misschien aangemoedigd door de kwestie die Sebald aansneed. Recent verscheen in Nederlandse vertaling De brand bij Mets en Schilt. (zie ook hier)
Maar het allerbeste dat er geschreven werd volgens Sebald en waarvoor hij superlatieven tekort komt is een in Duitsland ? en dan om inmiddels voor lezers van Sebalds essay begrijpelijke redenen - totaal in vergeltelheid geraakte schrijver: Gert Ledig, en het boek dat zo bewonderd wordt, is in 2000 in vertaling uitgegeven door De Arbeiderspers: Vergelding, in 2001 alsnog, vertraagd ontdekt in Nederland. Al deze boeken zijn gewoon verkrijgbaar, godlof. Storten wij ons nu in de door Sebald opengekrabde wonde van de ware motor van het Wirtschaftswunder, de verdringing; en gelijkertijd in de herinneringen die laat weerkomen maar desastreus raken.
Voor 84,50 euro gaat u op vakantie met een geniaal geschakeerd, en toch thematisch zeer hecht reisbibliotheekje. In 1 hand te vatten bovendien.
Gert Ledig, Vergelding Oorlogsdomein nr. 2 , Uitgeverij de Arbeiderspers, 2001. Vertaling: Peter Claessens (18)
W.G. Sebald Die Ausgewanderten. Vier lange Erzählungen Fischer Taschenbuch Verlag, 1994. (10)
W.G. Sebald De natuurlijke historie van de verwoesting De Bezige Bij, 2004. Vertaling Ria van Hengel (21.50)
Jörg Friedrich De brand De geallieerde bombardementen op Duitsland, 1940-1945 Mets en Schilt, 2004. Vertaling Sander Hendriks (35)
Hier meer over Sebalds boek
Menno Hartman
Wonderlijke boeken van een wonderbaarlijke schrijver. In De natuurlijke historie van de verwoesting, een wat opgeklopte en vermoedelijk aan de Engelse uitgave ontleende vertaling van het mooi droge Luftkrieg und Literatur zoekt Sebald de achtergronden van de grote verzwegen vernietiging van de Tweede Wereldoorlog: die van de Duitse steden. Hij vraagt zich af waarom, in weerwil van wat de schoolliteratuurgeschiedenis ons in het hoofdstuk Trümmerliteratur wil doen geloven, die verschrikkelijke realiteit nauwelijks literaire verwerking kent. In de paar boeken die gelden als representant voor dit verleden wordt volgens Sebald ‘schematisch’ gereageerd op de verschrikkingen. Hij neemt constructies waar van gedachten en formuleringen die hem verraden dat de auteurs de vreselijke realiteit van kapotgeschoten steden en bergen stinkende lijken niet werkelijk hebben kunnen verwerken in hun literaire arbeid.
Het klassieke adagium dat de aanstichter van leed er niet over mag zeuren, erkent Sebald onmiddellijk als een van de mogelijke redenen, maar fascinerend is met name zijn zoektocht naar de bewijzen voor zijn stelling.
Het stuk is gebaseerd op een lezingenreeks die Sebald in 1997 in Zwitserland hield. Een goed bewijs voor de veronderstelling van de auteur dat de buitenproportionele luchtoorlog die Duitsland op de knieën dwong door Duitsers nooit is verwerkt, moet de overstelpende correspondentie zijn geweest die Sebald ontving naar aanleiding van een krantenartikel over de lezingen. Volgend op zijn onderzoek naar literaire verwerking van het thema bleek hem tenslotte dat ook de Duitse historici nauwelijks aandacht aan het onderwerp besteedden. Slechts de legerhistoricus Jörg Friedrich schreef er een hoofdstuk over in zijn naar Sebalds zin exemplarisch te weinig besproken Das Gesetz des Krieges. Deze Friedrichs schreef er uiteindelijk nog een veelomvattender boek over, misschien aangemoedigd door de kwestie die Sebald aansneed. Recent verscheen in Nederlandse vertaling De brand bij Mets en Schilt. (zie ook hier)
Maar het allerbeste dat er geschreven werd volgens Sebald en waarvoor hij superlatieven tekort komt is een in Duitsland ? en dan om inmiddels voor lezers van Sebalds essay begrijpelijke redenen - totaal in vergeltelheid geraakte schrijver: Gert Ledig, en het boek dat zo bewonderd wordt, is in 2000 in vertaling uitgegeven door De Arbeiderspers: Vergelding, in 2001 alsnog, vertraagd ontdekt in Nederland. Al deze boeken zijn gewoon verkrijgbaar, godlof. Storten wij ons nu in de door Sebald opengekrabde wonde van de ware motor van het Wirtschaftswunder, de verdringing; en gelijkertijd in de herinneringen die laat weerkomen maar desastreus raken.
Voor 84,50 euro gaat u op vakantie met een geniaal geschakeerd, en toch thematisch zeer hecht reisbibliotheekje. In 1 hand te vatten bovendien.
Gert Ledig, Vergelding Oorlogsdomein nr. 2 , Uitgeverij de Arbeiderspers, 2001. Vertaling: Peter Claessens (18)
W.G. Sebald Die Ausgewanderten. Vier lange Erzählungen Fischer Taschenbuch Verlag, 1994. (10)
W.G. Sebald De natuurlijke historie van de verwoesting De Bezige Bij, 2004. Vertaling Ria van Hengel (21.50)
Jörg Friedrich De brand De geallieerde bombardementen op Duitsland, 1940-1945 Mets en Schilt, 2004. Vertaling Sander Hendriks (35)
Hier meer over Sebalds boek
Menno Hartman
De hoogtepunten uit Knetterende Letteren
Knetterende LetterenZaterdag 17 juli 2004747 AMVan 14.00 tot 15.00Presentatie: Kenneth van ZijlBron: Knetterende Letteren Persbericht
Lees verder >
16 juli 2004
Lees verder >
‘Dichters in de Prinsentuin’ – Groningen, donderdag 29 en vrijdag 30 juli 2004
De dichters: Ali Albazzaz, Mowaffk Al-Sawad, Rik Andreae, Mustafa Acar, Jan Baeke, Bas Belleman, Jana Beranová, Jurre van den Berg, Piter Boersma, Tsead Bruinja, Maurice Buehler, Floor Buschenhenke, Anneke Claus, Jet Crielaard, Daniël Dee, André Degen, Job Degenaar, Willem Derks, Trudy Dijkshoorn, Bart FM Droog, Sieger M.
Lees verder >
16 juli 2004
Lees verder >
Jury Schrijversprijs der Brabantse Letteren 2005 bekend
De Schrijversprijs der Brabantse letteren wordt eens in de twee jaar uitgereikt aan een literair auteur. In 2003 viel de prijs ten deel aan A.F. Th. Van der Heijden voor zijn gehele oeuvre. Andere genomineerden destijds waren Ted van Lieshout, Marie Kessels, Peter van Lier, Yvonne Né en Jasper Mikkers.
Lees verder >
13 juli 2004
Lees verder >
Een liefde zonder verzet
Ik had het al gelezen, dit wonderlijke boek van Rozier, directeur van het Instituut voor Jiddisje cultuur te Parijs. In het Frans, weliswaar: Un amour sans résistance. Naar aanleiding van de Nederlandse vertaling en de uiteenlopende recensies over het boek in respectievelijk Het Parool en de Volkskrant, heb ik ook de Nederlandse vertaling gepakt.
Lees verder >
12 juli 2004
Lees verder >
Allard Schröder
Allard Schröder debuteerde in 1989 met de roman De gave van Luxuria. Een groteske. Dit werd twee later gevolgd door De muziek van de zwarte toetsen.
Met Raaf, zijn eerste roman die bij De Bezige Bij verscheen en bekroond werd met De Halewynprijs, drong Schröder door tot een groter publiek.
Lees verder >
12 juli 2004
Met Raaf, zijn eerste roman die bij De Bezige Bij verscheen en bekroond werd met De Halewynprijs, drong Schröder door tot een groter publiek.
Lees verder >
Literair agentschap Pluh organiseert Tsjechische bookcrossing voor vakantiegangers
?Ontdek deze zomer niet alleen het mooie vakantieland Tsjechië, maar ook zijn veelzijdige literatuur. Als Nederlandstalige lezer heeft u een bevoorrechte positie: het Nederlands is namelijk de taal waarin “ raar maar waar - het grootste aantal vertaalde Tsjechische titels beschikbaar is.
Lees verder >
9 juli 2004
Lees verder >
Knetterende Letteren
Knetterende LetterenZaterdag 10 juli 2004747 AMvan 14.00 tot 15.00 uurPresentatie: Kenneth van Zijlhttp://www.nps.nl/knetterendeletteren - www.nps.nl/knetterendeletterenAMvdPBron: Persbericht Knetterende Letteren
Lees verder >
8 juli 2004
Lees verder >
HELLA S. HAASSE krijgt de Prijs der Nederlandse Letteren 2004
Het Comité van Ministers van de Nederlandse Taalunie heeft de Prijs der Nederlandse Letteren toegekend aan Hella S. Haasse (1918).De prijs wordt eenmaal per drie jaar uitgereikt, beurtelings door het Nederlandse en Belgische Staatshoofd, aan een auteur van oorspronkelijk Nederlandstalige literaire werken.
Lees verder >
7 juli 2004
Lees verder >
Nieuwe Friese literatuurgeschiedenis
De publicatie past in de serie literair-historische uitgaven van Prometheus, zoals bijvoorbeeld Het volle leven over de Nederlandse literatuur ten tijde van de Republiek, geschreven door René van Stipriaan uit 2002.
Lees verder >
6 juli 2004
Lees verder >
Haar lichaam weet het
Ogenschijnlijk hebben de twee novellen waaruit de roman Haar lichaam weet het van David Grossman is opgebouwd weinig raakvlakken, maar niets blijkt minder waar: hoewel de twee novellen sterk verschillen in kwaliteit, vertonen de hoofdpersonen uit de twee verhalen opvallende en schrijnende overeenkomsten.
Lees verder >
5 juli 2004
Lees verder >
Tjitske, Jansen
Mevrouw Julia doet de ramen open
en ze weet geen woord voor de lucht die haar wangen aanraakt
en de zon heeft de kleur van honing
en ze weet
vandaag gaat het gebeuren
en ze denkt
maar eerst blijf ik nog even staan
(Het moest maar eens gaan sneeuwen, Tsjitske Jansen)
Het succesverhaal van Tsjitske Jansen begint aan aantal jaren terug met een
Lees verder >
5 juli 2004
en ze weet geen woord voor de lucht die haar wangen aanraakt
en de zon heeft de kleur van honing
en ze weet
vandaag gaat het gebeuren
en ze denkt
maar eerst blijf ik nog even staan
(Het moest maar eens gaan sneeuwen, Tsjitske Jansen)
Het succesverhaal van Tsjitske Jansen begint aan aantal jaren terug met een
Lees verder >
Lost in translation

5 juli 2004
Nederlanders vinden over het algemeen dat ze hun talen heel leuk spreken. En lezen. Nederland is een exportland bij uitstek en zodra we menen dat het nodig is ruilen we onze marginale brabbeltaal in voor het kosmopolitische Engels, Duits of Frans. Vooral in Engels zijn we goed. We horen het immers dagelijks op radio en tv, we hebben er allemaal eindexamen in gedaan, enzovoort. Engelse boeken worden daarom ook goed verkocht in Nederland en veel mensen zeggen er de voorkeur aan te geven een Engelstalige roman in de originele taal te lezen, en niet in vertaling.
In het meest recente nummer van Filter, tijdschrift over vertalen, staat een artikel van Frank Ligtvoet, getiteld ‘Naïef’, waarin hij probeert aan te tonen dat je, zelfs als je hoogopgeleid bent, veel Engels gelezen, gesproken en gehoord hebt, en al jaren in de Verenigde Staten woont, een taal nog altijd niet tot in de puntjes beheerst. Juist bij het lezen van een literaire roman, waarin stijl, intertekstualiteit en meerduidigheid een grote rol spelen, kun je flink door de mand vallen als ‘non-native speaker’.
Ligtvoet stelt zichzelf de vraag of hij nog altijd baat heeft bij het lezen van Engelse literatuur in vertaling. Daartoe neemt hij zichzelf een test af. Kort daarvoor had hij Elizabeth Costello van J.M. Coetzee in het Engels gelezen, en toevallig net daarna de Nederlandse vertaling cadeau gekregen. Benieuwd als hij was hoe zijn begrip en interpretatie van Coetzees boek zich verhield tot de vertaling van Peter Bergsma en Irving Pardoen, besloot hij het Postscript, het laatste, meer abstracte dan vertellende deel van Elizabeth Costello, op leessnelheid vertalen. Het resultaat bracht hem tot een aantal voor hemzelf schokkende conclusies. Zo bleek hij op vier niveaus tekort te schieten met zijn vertaling: de welgevormdheid ontbrak (te letterlijk vertaald, verkeerde woordvolgordes etc.); hij was te lui geweest, waardoor bepaalde nuances volledig verloren gingen; hij koos vaak net het verkeerde woord waardoor hij de betekenis van zinnen geweld aandeed en hij wíst van sommige woorden gewoon de betekenis niet.
Ligtvoet trekt de conclusie dat Nederlanders die zeggen dat ze Engelse romans liever in het Engels lezen, zichzelf schromelijk overschatten. Vanzelfsprekend moet hierbij wel onderscheid gemaakt worden tussen verschillende soorten romans. Het stuk Coetzee dat Ligtvoet had uitgekozen is bovenmatig pittig en vereist behalve een goede kennis van het Engels ook een uitgebreide algemene ontwikkeling. De test is evenwel leuk. Er wordt vaak gemopperd op Nederlandse vertalingen en vaak ook wel terecht. Het aantal echt goede vertalers, dat wil zeggen: vertalers die zowel een perfecte beheersing van de taal waaruit ze vertalen én van het Nederlands hebben, zijn schaars. Het gegeven dat je begrijpt wat er staat wil niet automatisch zeggen dat je dat ook in gelijkwaardig Nederlands kunt overbrengen. Wanneer het echter wel lukt, voegt een vertaling wel degelijk iets toe. Een goede vertaling biedt volledige toegang tot een tekst, laat alle facetten van de stijl flonkeren en bespaart je het tussentijd geduimel in woordenboeken.
Wie zelf nooit iets vertaald heeft, moet het zeker eens proberen. Hieronder staat een alinea uit een Engels boek dat het afgelopen jaar verschenen is. Heel bekend is het boek niet, het is geschreven door een jonge talentvolle Britse schrijver. Punten zijn er te verdienen wanneer je: A) weet uit welk boek het fragment komt en B) wanneer je het stukje goeddeels conform de officiële vertaling weet te vertalen. Bij 1 punt krijg je een leuke maar goedkope prijs, bij 2 punten een leuke en wat kostbaarder prijs. Een boek wordt het sowieso. Stuur je antwoord en vertaling voor 12 juli op naar daphne@literairnederland.nl
Fragment:
It turns out that I’m far less lavatorially obsessed than almost everyone else in the house, even Cecile. The men started the toilet-talk craze, as an excuse for their constant farting. Now, they don’t apologise for having done one, and no one else even laughs any more ? unless it sounds particularly ‘amusing’; like a duck or a creaky floorboard. Then the entire room collapses, as if in a hurricane of mirth. If the fart smells, and was silent, there are accusations and arcane rules. I can’t be bothered to detail them, but they are far beyond, ‘He who smelt it, dealt it’. At times like this the entire Project begins to feel ignoble. Living communally was always likely to be humiliating, but it is a disappointment to see how some people revel in their abasement.
In het meest recente nummer van Filter, tijdschrift over vertalen, staat een artikel van Frank Ligtvoet, getiteld ‘Naïef’, waarin hij probeert aan te tonen dat je, zelfs als je hoogopgeleid bent, veel Engels gelezen, gesproken en gehoord hebt, en al jaren in de Verenigde Staten woont, een taal nog altijd niet tot in de puntjes beheerst. Juist bij het lezen van een literaire roman, waarin stijl, intertekstualiteit en meerduidigheid een grote rol spelen, kun je flink door de mand vallen als ‘non-native speaker’.
Ligtvoet stelt zichzelf de vraag of hij nog altijd baat heeft bij het lezen van Engelse literatuur in vertaling. Daartoe neemt hij zichzelf een test af. Kort daarvoor had hij Elizabeth Costello van J.M. Coetzee in het Engels gelezen, en toevallig net daarna de Nederlandse vertaling cadeau gekregen. Benieuwd als hij was hoe zijn begrip en interpretatie van Coetzees boek zich verhield tot de vertaling van Peter Bergsma en Irving Pardoen, besloot hij het Postscript, het laatste, meer abstracte dan vertellende deel van Elizabeth Costello, op leessnelheid vertalen. Het resultaat bracht hem tot een aantal voor hemzelf schokkende conclusies. Zo bleek hij op vier niveaus tekort te schieten met zijn vertaling: de welgevormdheid ontbrak (te letterlijk vertaald, verkeerde woordvolgordes etc.); hij was te lui geweest, waardoor bepaalde nuances volledig verloren gingen; hij koos vaak net het verkeerde woord waardoor hij de betekenis van zinnen geweld aandeed en hij wíst van sommige woorden gewoon de betekenis niet.
Ligtvoet trekt de conclusie dat Nederlanders die zeggen dat ze Engelse romans liever in het Engels lezen, zichzelf schromelijk overschatten. Vanzelfsprekend moet hierbij wel onderscheid gemaakt worden tussen verschillende soorten romans. Het stuk Coetzee dat Ligtvoet had uitgekozen is bovenmatig pittig en vereist behalve een goede kennis van het Engels ook een uitgebreide algemene ontwikkeling. De test is evenwel leuk. Er wordt vaak gemopperd op Nederlandse vertalingen en vaak ook wel terecht. Het aantal echt goede vertalers, dat wil zeggen: vertalers die zowel een perfecte beheersing van de taal waaruit ze vertalen én van het Nederlands hebben, zijn schaars. Het gegeven dat je begrijpt wat er staat wil niet automatisch zeggen dat je dat ook in gelijkwaardig Nederlands kunt overbrengen. Wanneer het echter wel lukt, voegt een vertaling wel degelijk iets toe. Een goede vertaling biedt volledige toegang tot een tekst, laat alle facetten van de stijl flonkeren en bespaart je het tussentijd geduimel in woordenboeken.
Wie zelf nooit iets vertaald heeft, moet het zeker eens proberen. Hieronder staat een alinea uit een Engels boek dat het afgelopen jaar verschenen is. Heel bekend is het boek niet, het is geschreven door een jonge talentvolle Britse schrijver. Punten zijn er te verdienen wanneer je: A) weet uit welk boek het fragment komt en B) wanneer je het stukje goeddeels conform de officiële vertaling weet te vertalen. Bij 1 punt krijg je een leuke maar goedkope prijs, bij 2 punten een leuke en wat kostbaarder prijs. Een boek wordt het sowieso. Stuur je antwoord en vertaling voor 12 juli op naar daphne@literairnederland.nl
Fragment:
It turns out that I’m far less lavatorially obsessed than almost everyone else in the house, even Cecile. The men started the toilet-talk craze, as an excuse for their constant farting. Now, they don’t apologise for having done one, and no one else even laughs any more ? unless it sounds particularly ‘amusing’; like a duck or a creaky floorboard. Then the entire room collapses, as if in a hurricane of mirth. If the fart smells, and was silent, there are accusations and arcane rules. I can’t be bothered to detail them, but they are far beyond, ‘He who smelt it, dealt it’. At times like this the entire Project begins to feel ignoble. Living communally was always likely to be humiliating, but it is a disappointment to see how some people revel in their abasement.
De laatste communist, Valeri Zalotoecha
Over De laatste communist van Valerij Zalotoecha valt een heleboel te vertellen. Daardoor lijkt het misschien alsof het een interessant boek is. Dat is het jammer genoeg niet. Zo kun je vertellen wat er allemaal gebeurt in De laatste communist. Er gebeurt namelijk heel veel in De laatste communist.
Lees verder >
5 juli 2004
Lees verder >
Nieuw nummer Literatuur
Uit het persbericht: ?Wie kent niet de klacht dat de recensent niet meer is wat hij/zij was of dat de ware criticus ten onder gaat aan commercie, tijdgebrek en gebrek aan schrijftalent? Hoeveel invloed heeft het oordeel van een recensent heden ten dage? En hoeveel invloed heeft een goede recensie op de verkoop? Wie is de beste criticus? Tijdschrift Literatuu
Lees verder >
1 juli 2004
Lees verder >
Nieuwsbrief
Facebook
Twitter
RSS