6 februari 2006

Wat hebben Reve en Hermans te maken met spotprenten?

Een handjevol spotprenten, een half jaar geleden al gepubliceerd, zorgde de afgelopen week voor een grote opschudding in de moslimwereld. Met het in brand steken van consulaten bewezen ze voor een groot deel het gelijk van de spotprenten. Het is echter de vraag of we met ons westerse denken zo tevreden kunnen zijn met ons gelijk.

In de discussies over de spotprenten werden in Nederland vaak vergelijkingen getrokken met de twee processen die gevoerd waren tegen Hermans en Reve, die met Ik heb altijd gelijk en Nader tot U respectievelijk het katholieke en het gereformeerde deel der natie geschokt hadden. Dat de schrijvers deze processen gewonnen hadden getuigde van de grote waarde die wij aan de vrijheid van meningsuiting hechten. Het ligt echter iets gecompliceerder. Hermans kwam met de schrik vrij omdat hij betoogde dat niet de auteur verantwoordelijk gesteld kan worden voor de uitspraken van zijn personages. Reve had dezelfde verdediging kunnen voeren in het beroemde ezeltjesproces, maar pleitte, in hoger beroep, voor de vrijheid om zijn godsdienstige gevoelens op schrift te kunnen stellen. Vrijheid van geloof dus.

De tijd dat boze gelovigen in Nederland de straat opgingen ligt gelukkig al lang achter ons. Toch konden wij er ook wat van. Hele kerkscheuringen zijn er ontstaan over het strijdpunt of Jezus met drie, dan wel vier spijkers aan het kruis is geslagen. Dit jaar komt er nog een boek uit van Maarten ’t Hart (wie anders) over een godsdiensttwist in de vorige eeuw in Maassluis; het twistpunt daar was het tempo waarin de psalmen gezongen moesten worden.

Wim Hazeu heeft ooit in het boek Wat niet mocht alle vormen van censuur vastgelegd na de tweede wereldoorlog. Spotprenten over de koningin waren lange tijd taboe. Kortom, er past ons wel enige bescheidenheid.

Bovendien is er nog een in het oog lopend verschil. Reve en Hermans waren auteurs die in hun eigen land zaken aan de orde stelden, de Deense spotprenten gaan over gelovigen die elders vandaan komen. Dat is altijd lastiger. Liever zou je zien dat er binnen de moslimwereld zelf auteurs opstaan die zich verzetten, die een Arabisch ezeltjesproces uitlokken. Voorop De voeten van Abdullah van Hafid Bouazza stond al een ezeltje afgebeeld, dus er is hoop. Maar Bouazza woont in Nederland. We hebben Reve, Hermans en Bouazza nodig in de rest van de wereld. De verandering moet van binnenuit komen en niet van Deense spotprenttekenaars.

Tot die tijd moet wel hun recht om te spotten en te kwetsen voorop staan.

Coen Peppelenbos

Recent

21 november 2017

Reizen in een binnenwereld

20 november 2017

Het leven ontwijken

15 november 2017

Een portret in stukjes

Literair Nederland - 10 jaar geleden

26 november 2007

Geloven in een god die niet bestaat
Door Bernadet

Op de titel De kunst van het niets doen reageerden veel mensen met: ‘Oh, dat zou ik ook wel willen, een tijdje niets doen.’ Daar ging het boek echter niet over. Het ging over Taoïsme en de gebeurtenissen in je leven op je af laten komen, van alle kanten bekijken, en dan weer verder gaan met leven.

Lees meer